Reacties (6)
Subsidiëeren houd in dat boeren niet (hoeven te) innoveren. Je zal in Nederland weinig boeren vinden waar subsidie een substantieel deel van het inkomen uitmaakt, terwijl de productie per hectare ongeveer 3x zo hoog is als bijvoorbeeld in Frankrijk. Het is dus uitstekend mogelijk om boeren niet te subsidiëren en toch niet afhankelijk te zijn van import. Dat heet innovatie. En Nederlandse boeren snappen dat.
Het lijkt me een schone taak voor de volgende regering om deze inzichten uit te dragen in Europa, zodat Europese boeren de rest van de wereld ongesubsidieerd kunnen overspoelen met goedkoop voedsel.
Dan zijn wíj degenen met de strategische macht, en het vrijkomende geld kan naar R&D of naar belastingverlagingen.
Geplaatst op: vrijdag 2 juli 2010 | Door: Ronald|
Grapjas, we kunnen nooit goedkoper vlees produceren dan op de pampas van Argentinie, of goedkoper graan dan in de Mid-west. Zelfvoorzienend zijn kan niet meer in West-Europa, misschien als we de EU uitbreiden richting Rusland dan is het mogelijk.
Boeren in Europa krijgen steeds meer de functie van landschapsbeheerder, en zo moet het ook zijn. Je kunt aan subsidies veel eisen stellen en dat gebeurt ook. Als je goedkoop importeert dan heb je geen enkele controle op milieu en kwaliteitseisen, dus dan kun je beter je eigen boeren subsidieren met het overschot dat je verdient in de dienstensectoren etc.
Milieu, wat was dat ook al weer?
Geplaatst op: vrijdag 2 juli 2010 | Door: Adanedhel
De perfide Economist mengt zich weer eens in de zaken van buitenlandse mogelijkheden. Laat ze eerst eens campagne tegen de subsidies voor hun eigen ellendige Engels rotbanken voeren. Als je snapt dat de Britse overheid de poedel van de Amerikanen is, dan snap je ook dat de Economist de waakhond op afstand is van Wall Street.
Het is gewoon democratie, dat kiezers als boeren worden beloond, zeker met een districtenstelsel en wanneer er dan veel districten met boeren zijn. Maar daar gaat het hier de Economist natuurlijk niet om. Colportagevod.
Geplaatst op: vrijdag 2 juli 2010 | Door: Karl Kraut
Het huidige landbouwbeleid moet anders omdat het Europese (en Amerikaanse) Landbouwbeleid letterlijk dodelijk is voor miljoenen mensen in Afrika.´
In derdewereldlanden zijn veel mensen direct afhankelijk van de landbouw. De ontwikkeling van de landbouw in de derdewereld kan dus het leven redden van vele mensen. Helaas krijgt de landbouw in de derdewereld geen kans door het protectionisme van de rijke landen. Door producten uit rijke landen met forse geldbedragen te beschermen worden deze producten veel goedkoper dan die uit ontwikkelingslanden. Deze landen blijven zitten met hun producten die ze niet kwijt kunnen op de buitenlandse markt. Om de simpele reden dat ze in verhouding gewoon te duur zijn. En dat terwijl ze in productie juist stukken goedkoper zijn.
Een voorbeeld: “De 1,6 miljard dollar die de EU jaarlijks geeft aan suikerbaronnen in East-Anglia en rondom Parijs, leidt tot overschotten die landen als Thailand en Malawi van een markt beroven. Mozambique verlies als gevolg van de suikerpolitiek van de EU bijna evenveel als het aan Europese hulp krijgt.` Volgens Kevin Watkins van hulporganisatie Oxfam leveren deze suikersubsidies een rare, hypocriete situatie op. Mozambique ontvangt Europese hulp maar tegelijkertijd wordt dit geld weer bijna helemaal afgenomen door subsidies van ditzelfde Europa.
Nog zo´n voorbeeld: `De 25.000 Amerikaanse katoentelers ontvingen vorig jaar meer dan drie miljard dollar aan Het subsidies, oftewel 100 procent van de marktwaarde van de katoenopbrengst. West-Afrika, een van de armste plaatsen ter wereld, is toevallig wel een van de doelmatigste katoenproducenten, en naar schatting elf miljoen mensen zijn afhankelijk van katoen als hun voornaamste bron van inkomen. Maar zij kunnen niet concurreren met gesubsidieerde producten uit de VS, die veertig procent van de werelduitvoer beslaan. Als de subsidies werden afgeschaft, zou West-Afrika volgens cijfers van het IMF winstgevend kunnen produceren tegen tweederde van de Amerikaanse productiekosten´
Geplaatst op: vrijdag 2 juli 2010 | Door: G.H.
Boeren zijn niet noodzakelijk voor de voedselvoorziening. Landschapbeheer is een behoorlijk belangrijke bijtaak. Daarom mag er best wat bij in de vorm van subsidie zolang die uit eigen beurs komt!
Niet Franse boeren subsidieren met Nederlands geld.
Geplaatst op: zaterdag 3 juli 2010 | Door: dirk ()
Het is juist dat je op prijs niet zult kunnen concureren met Afrikaans graan en vlees; zoals je op prijs ook niet kunt concureren met Chinese kleding, auto's etc. Daarom moet je concureren op kwaliteit, functionaliteit en innovatie. Gezond geproduceerd voedsel bij voorbeeld. Eieren van loslopende kippen, Het lekkerste vlees ipv het goedkoopste massa product. Die producten zullen duurder zijn, maar ik twijfel er niet aan dat er een markt voor is. De reden dat we die situatie niet hebben komt door de overheidsinmenging middels subsidies waardoor er geen enkele prikkel is voor boeren om die concurentiestrijd aan te gaan.
Bovendien, zodra het voor Afrikaanse boeren mogelijk wordt om producten te maken die verkocht kunnen worden is er weinig noodzaak om in gammele bootjes naar Europa te vluchten.
Wat betreft het afhankelijkheid-van-andere-landen argument; zij zijn ook afhankelijk van de consumenten die hun producten kopen. In een situatie van volstrekte onafhankelijkheid: Robinson Crusoe op zijn eiland, is het zo dat de brave man kan sterven als hij zijn enkel verzwikt. Het is juist de division of labour die aan de basis staat van onze beschaving.
Geplaatst op: zaterdag 3 juli 2010 | Door: Oblomov
Reageren