Ik ben trouwens niet zo degelijk als deze mensen en laat heel persoonlijke, heel onverantwoordelijke argumenten meespelen. Wat hield ik van het franquistische Spanje – net als Cees Nooteboom waarschijnlijk, maar hij leefde in een ver verleden van de artikelen die hij voor Avenue mocht schrijven en hij zal de progressieve redactrice Renate Rubinstein niet tegen de haren in hebben willen strijken. Op het laatst wist hij waarschijnlijk zelf niet meer wat hij dacht… maar dat biedt eigenlijk de beste kansen in de literatuur.
We dwalen evenwel af. Ik zei dat ik het franquistische Spanje zo heerlijk vond. Nergens trilde ik zo van emoties tijdens mijn liftreizen. Hier vond je nog de oude wereld. Men reed er uitsluitend in zwarte auto’s – en de vrouw werd achterin gezet. ’s Avonds was er in elk stadje een pantoffelparade, met de vrouwen die het marktplein in de ene richting rondliepen, en de mannen die het in de andere richting deden, allemaal gekleed in uitsluitend zwarte, grijze en beige pakken. De beleving van het geloof maakte er ook grote indruk op me, met serieus genomen processies en met een kerkelijke kunst die van een bijna gillende mystiek was. Op de buitenwegen zag je op de heuveltop steeds, recht tegenover elkaar, twee leden van de Guardia Civil staan, met de bekende zwarte helmen die van achter plat waren.
Van mij mochten wel een paar duizend communistische hetzers in de bak zitten en velen van hen in Frankrijk in ballingschap moeten leven, als deze maatschappij kon voortbestaan. Niet dat ik gelovig was, niet dat ik geen hot pants kon verdragen – maar gewoon omdat het zo mooi was en langzamerhand zo zeldzaam en misschien toch niet onzinnig (wat ik ook in Marokko moest denken toen ik daar later naartoe trok). U ziet: vooruitgang is aan mij niet besteed, althans niet hetgeen men doorgaans vooruitgang noemt.
Franco stierf, een moderne koning trad aan, de democratie werd ingevoerd, de grenzen werden opengegooid voor alles wat je overal al zag – en Spanje was voor mij naar de knoppen. Nergens werd het zo’n dolle boel als in Catalonië. Iedere debiel heeft langzamerhand een citytrip naar Barcelona gemaakt en weet hoe je de naam Gaudí moet schrijven, en ik kan niet laten de modieuze onzin van Pedro Almodóvar met Catalonië te associëren – zeker zal hij nergens zo’n succes hebben gehad als daar.
Lees verder op Het Nieuwe Journaal





