Op 12 mei 2010 las ik in de krant dat de Zweedse tekenaar Lars Vilks aangevallen is. Bij een lezing die hij in Uppsala hield stond een toehoorder op de eerste rij plotseling op, liep
op het spreekgestoelte toe en deelde een dreun uit. De tekenaar hield er lichte verwondingen aan over. Het bericht van slechts enkele regels vermeldde ook nog dat Vilks in 2007 een tekening gepubliceerd heeft, waarop de profeet Mohammed als hond was afgebeeld.
Of dat de reden voor de aanval was werd niet vermeld, het kan dus ook zijn dat de tekenaar er met de vrouw van de aanvaller vandoor is gegaan. Waarschijnlijk is echter dat Mohammed de aanleiding geweest is. Enkele dagen later werd geprobeerd zijn huis in brand te steken. Wat er met de Deense tekenaar van Mohammed met een bom in zijn tulband, Kurt Westergaard, aan de hand is weet iedere krantenlezer: dat hij nog in leven is grenst aan een wonder.
Het afbeelden van de profeet is sinds 2006 een wereldwijd vraagstuk geworden, nadat de Deense krant Jyllands – Posten twaalf karikaturen met Mohammed afdrukte. De gevolgen daarvan zijn bekend. In het boek van de Deense politicologe Jytte Clausen, The cartoons that shock the world (Yale University Press, 2009) wordt de affaire in meer dan tweehonderd bladzijden uit de doeken gedaan. De lezer die denkt eindelijk eens te kunnen zien en dan te beoordelen wat er met die twaalf karikaturen - die meer dan honderd doden, brandende Deense ambassades en het boycotten van Deense producten veroorzaakt hebben - aan de hand was komt echter bedrogen uit: in het boek komt namelijk geen enkele van de omstreden tekeningen voor. De uitgever heeft niet aangedurft die te publiceren.
Daarmee is een dieptepunt bereikt in de geschiedenis van het uitgeverswezen in een democratisch land: het door de knieen gaan voor terreur. De schrijfster voerde over haar bevindingen een vraaggesprek met het tijdschrift Index on Censorship, sinds 1972 het vlaggeschip van de vrije meningsuiting. Maar ook hier werden de tekeningen niet afgedrukt, uit angst voor geweld. In het dagblad TROUW kwam Elma Drayer tot de volgende conclusie: “Al met al is de affaire het zoveelste slapende succesje voor de religieuze malloten van deze wereld” (31 december 2009). Overigens: Nederland had al eerder een dieptepunt bereikt met de arrestatie van de tekenaar Gregorius Nekschot in mei 2008: hij zou voor moslims beledigende tekeningen hebben vervaardigd. Zijn zaak is nog in onderzoek.
Over belediging en kwetsen van gevoelens zijn in Nederland en daarbuiten bibliotheken volgeschreven. Dit meestal naar aanleiding van een concreet voorval: een tekening of een tekst die als kwetsend of beledigend wordt ondervonden. Mijn indruk is dat dergelijke beschouwingen weinig tot helderheid bijdragen en zeker niet tot een scherpe afgrenzing van wat belediging is. Als voorbeeld noem ik het in 1896 aan de Universiteit van Amsterdam verdedigde academisch proefschrift in de rechtsgeleerdheid, Beleediging door caricaturen door J. H. G. Cohen. In 1970 verdedigde E. J. de Roo aan de Rijksuniversiteit Groningen zijn proefschrift, ook in de rechtsgeleerdheid, Godslastering. Rechtsvergelijkende studie over blasfemie en andere religiedelicten. Boeiende literatuur, maar zonder toepasbare criteria op wat wel of geen belediging is.
De belangrijkste vraag waarom het hier gaat is: hoe en door wie wordt een zaak aanhangig gemaakt? De persoon die het slachtoffer wordt van een (satirische) aanval kan dat zelf doen en daarvan zijn verschillende voorbeelden bekend. De weinig succesvolle (en weggestuurde) trainer van FC Bayern München, Jürgen Klinsmann, was in de Paastijd van 2009 op de voorpagina van Die Tageszeitung te zien en wel aan het kruis gebonden (“Von Deutschlands Superstar zu Bayerns Buhmann”). Nadat de perschef van de club de montage als “misschien wel de ergste ontsporing in de Duitse media ooit” had getypeerd – de man heeft geen enkel
idee wat in de Duitse pers ooit gepubliceerd is - werd de afbeelding in tal van andere bladen overgenomen (de rechter beoordeelde de fotomontage overigens als geoorloofde satire).
Alles wat verboden wordt brengt het in de kortste keren tot grote bekendheid. Nadat de ajatollah Khomeini in februari 1989 het doodvonnis over de schrijver Salman Rushdie had uitgesproken avanceerde zijn omstreden boek Duivelsverzen tot een bestseller, ondanks het feit dat het in verschillende landen verboden werd en twee vertalers vermoord werden. “De vrijheid van de geest bloeit boven tijd en dood”, staat op het monument voor de in de jaren 1940 - 1945 in het verzet tegen Duitsland omgekomen bewoners van mijn geboortedorp Zuidlaren.
Landen kunnen ook druk uitoefenen wanneer onwelgevallige voorstellingen over een buurland het licht zien. Dat was het geval tijdens de oorlog van 1914 - 1918 toen de Duitse ambassadeur in Nederland zich bij de minister van buitenlandse zaken beklaagde over de anti – Duitse tekeningen van Louis Raemaekers in De Telegraaf, die in strijd zouden zijn met de officiele neutraliteit van Nederland.
In de jaren dertig van de vorige eeuw werd uit Duitsland druk uitgeoefend op het openbaar ministerie in Nederland actie te ondernemen tegen tekeningen en schriftelijke uitingen die een opzettelijke belediging van het bevriende staatshoofd Adolf Hitler zouden bevatten. Inderdaad vond tegen een tekening van Peter van Reen in het dagblad Het Volk in 1936 een proces plaats, waarbij de krant in eerste instantie tot een boete werd veroordeeld, in tweede instantie echter vrijgesproken, welk vonnis door de Hoge Raad werd bevestigd. Eerder werd de Duitse schrijver Heinz Liepmann die naar Nederland gevlucht was, in Amsterdam zijn “Tatsachenroman” Das Vaterland publiceerde, waarvoor hij wegens opzettelijke belediging van het bevriende staatshoofd (toen nog Hindenburg) veroordeeld werd, zelfs het land uitgezet.
Of zich tussen Turkije en Nederland diplomatieke of juridische schermutselingen over karikaturen en schrifturen hebben voorgedaan is mij niet bekend. De tekeningen in de hier gepresenteerde selectie lijken mij daar ook geen aanleiding toe te geven. In dit digitale tijdsgewricht is echter alles mogelijk, zoals de gebeurtenissen rond de Scandinavische tekenaars en de Nederlander Gregorius Nekschot bewijzen.
Een meldpunt voor discriminatie, waar ook ter wereld, ontdekt in het internet een tekening of een tekst die als beledigend of kwetsend wordt gequalificeerd en korte tijd later komen, overal ter wereld, duizenden mensen
in actie die zich geroepen voelen hun verontwaardiging en woede de vrije loop te laten - zonder enig idee van de achtergronden. Voor hen zouden geschiedenis - en tekencursussen georganiseerd moeten worden waar de schanddaden van het christendom in de loop der tijden het onderwerp vormen. En dan ontstaat een multiculturele beeldcultuur – misschien.
Rutte blijft volhouden dat het mooi weer is zelfs wanneer het plenst Afgelopen donderdag keek ik naar het verantwoordingsdebat in de Tweede Kamer. Ik ben er nog niet van hersteld. [...] | ||
Geen nieuws Ver van huis. San Francisco. De lobby van een hip hotel. Ik zoek nieuws op mijn iPad en vind het niet. Robben na [...] | ||
Subsidie voor Joop.nl is belachelijk Onlangs bepleiten Philippe Remarque (hoofdredacteur van deze krant), Frank Volmer van TMG (De Telegraaf) en Sander [...] | ||
Je weet dat iedereen die zegt dat Europa zich níet voorbereidt op de grexit, liegt Demissionair minister van Financiën De Jager zei gisteren in het debat over het ESM dat de PVV met alle [...] | ||
Facebook, het moderne poesiealbum De aandelen Facebook zijn kort na de beursgang achteruit gekacheld van 38 naar 34 dollar. Beleggers zijn dus alweer [...] | ||
Laat Hare Majesteit dan een mooi gebaar maken in deze zware tijden Het begrotingsakkoord, dat mensen hard treft, is de inzet bij de volgende verkiezingen. De neopopulisten zullen geen [...] | ||





|