‘Doe meer tegen mensenhandel’

STRAATSBURG (ANP) - Nederland moet meer doen tegen mensenhandel, zegt de Raad van Europa. Volgens de organisatie heeft Nederland in de afgelopen jaren al veel vooruitgang geboekt, maar zijn er nog dingen die beter moeten.

De Raad van Europa wil onder meer dat slachtoffers betere hulp krijgen. Zo mag die hulp niet afhankelijk zijn van de vervolging van de daders. Bovendien zouden de buitenlandse slachtoffers in Nederland moeten kunnen blijven als ze herstellen van wat ze is overkomen. Verder wil de raad dat er een nieuw nationaal actieplan tegen mensenhandel komt. De raad is wel blij dat Nederland meer geld aan politie en justitie geeft voor het aanpakken van mensenhandel.

In een reactie wijst het ministerie van Justitie en Veiligheid erop dat slachtoffers van mensenhandel sinds 1 oktober een permanente verblijfsvergunning krijgen wanneer het Openbaar Ministerie besluit om verdachten te vervolgen. Ze hoeven niet langer te wachten tot een veroordeling. Als er geen strafzaak komt, kan iemand een verblijfsvergunning op humanitaire gronden aanvragen. Het nieuwe actieplan waar de raad op aandringt, wordt volgende maand gepresenteerd.

Tussen 2013 en 2016 zijn er bijna 4500 slachtoffers van mensenhandel opgespoord, onder wie meer dan duizend kinderen. Vier of de vijf slachtoffers zijn vrouwen. De meeste slachtoffers komen uit EU-landen als Roemenië, Bulgarije, Polen en Hongarije. Maar ook veel Nederlandse kinderen zijn het slachtoffer van mensenhandel. Bovendien gaat het steeds vaker om kinderen met verstandelijke handicaps.

Drie op de vier slachtoffers komen in de prostitutie terecht. De overigen worden bijvoorbeeld gedwongen om voor anderen te werken, worden uitgehuwelijkt of moeten de misdaad in.

De Raad van Europa is een samenwerkingsverband van 47 Europese landen. Wit-Rusland en Vaticaanstad zijn de enige Europese landen die zich niet hebben aangesloten. De organisatie moet democratie, mensenrechten en de rechtsstaat bevorderen. De raad staat los van de Europese Unie.

0 Reacties Doe mee met de discussie →