Janine Abbring over zichzelf, het niet-moederschap en de liefde

Na iedere uitzending blijft ze weg van sociale media, omdat de presentator van Zomergasten daar doorgaans wordt afgebrand. Zou ze niet hoeven doen, want Janine Abbring kan zeker na de uitzending met Ebenhard van de Laan niet meer stuk bij de kijker. Tegen Humo vertelt ze openhartig van alles over zichzelf. Bijvoorbeeld dat ze vermoedelijk geen kinderen wil. “Zo’n oergevoel over het moederschap heb ik nooit gehad. Ik heb altijd gezegd: ‘Misschien komt het nog.’ En nu ben ik de 40 gepasseerd en mag Onze Lieve Heer dus wel een beetje opschieten met dat oergevoel. Mijn huidige vriend zou best kinderen willen, ja. Als ik had gewild, was ik nu al lang en breed zwanger geweest. Maar ik vraag me, misschien heel egocentrisch, steeds af of mijn leven er werkelijk leuker van wordt. Ik denk van niet.”

Ze wil alles, dus ook Zomergasten, goed doen omdat ze vroeger gepest werd. “Veel van mijn huidige vrienden is dat pesten ook overkomen en ik zie bij hen nu allemaal extra bewijsdrang. Die heb ik ook. Als bonus ga ik er ook nog eens vrijwel altijd van uit dat mensen me niet zo leuk vinden. Daardoor voel ik me gedwongen extra mijn best te doen om mensen van het tegendeel te overtuigen. Na het eerste middelbaar in Roden, een beetje een kakdorp in Drenthe, verhuisden we naar Warffum in Noord-Groningen, meer een plattelandsgemeenschap. Ik was het in Drenthe net gewend op de middelbare school en moest toen weer veranderen. Die overstap was voor mij te groot. Ik was een heel bleu meisje met gestreepte HEMA-onderbroeken en een staartje op m’n hoofd. Mijn klasgenoten stonden al sjekkies te roken bij het fietsenhok. Niemand zat op mij te wachten, terwijl ik het juist gewend was om geliefd te zijn.”

Arjen Lubach was ooit haar minnaar. “Honderd jaar geleden hebben we inderdaad wat laffe pogingen in die richting ondernomen. Ik was heel erg verliefd, hij niet zo. We hebben snel besloten dat we veel beter vrienden konden zijn.”

“Ik zou één van de slechtst denkbare zomergasten zijn. Het is niet zomaar iets, hoor, je hebt als gast een grote verantwoordelijkheid. Je komt er niet mee weg door te zeggen: ‘Ik wil dit laten zien, want ik vind het zo grappig.’ Je moet wel wat te melden hebben.”

Bron(nen):   Humo