Waarom Oeganda zo blij is met alle vluchtelingen (die ook nog zorg, onderwijs en een stukje land krijgen)

Per dag arriveren bijna tweeduizend vluchtelingen in Bidi Bidi in het noorden van Oeganda. Het is het grootste vluchtelingenkamp ter wereld. En de voornamelijk Zuid-Soedanezen zijn er van harte welkom.

Op dit moment leven er zo’n kwart miljoen Zuid-Soedanezen in hutten en tenten van VN-vluchtelingenorganisatie Unhcr, schrijft de Volkskrant in een mooie reportage. Het opvangbeleid van Oeganda is opvallend ruimhartig. Iedereen krijgt een stukje grond waarop ze een huis mogen zetten en gewassen kunnen verbouwen. Ook krijgen vluchtelingen gratis basisonderwijs en gezondheidszorg. Zelfredzaamheid is het doel.

Daarbij wordt de eigen bevolking niet uit het oog verloren. Voor iedere zeventig Zuid-Soedanezen die diensten ontvangen, moeten ook dertig Oegandezen profiteren. Die kunnen bijvoorbeeld handel drijven met de vluchtelingen en gebruikmaken van waterpompen, scholen en klinieken. Zo ontstaat niet alleen economische ontwikkeling, maar ook draagvlak bij de lokale bevolking. Een systeem dat tot voor kort geweldig werkte, maar wat nu overbelast dreigt te raken.

Bidi Bidi raakt vol. De Zuid-Soedanezen merken dat er weinig werk meer is, de Oegandezen klagen dat voorzieningen onder druk komen te staan. De grond is niet zo vruchtbaar en internationale hulpverlening blijft nodig. Een Oegandese medewerker van een Europese hulporganisatie vreest voor de toekomst. “Het aantal vluchtelingen is overweldigend. Er zijn meer vluchtelingen dan Oegandezen. Er komt een moment waarop donoren zeggen: dit is voortaan Oeganda’s probleem. Wat dan?”

De hulporganisaties zorgen nu nog dat de voorzieningen op peil blijven, zodat zowel Zuid-Soedanezen als Oegandezen tevreden zijn. Als zij wegvallen en de regering zelf verantwoordelijk wordt, is de vraag of het huidige niveau gehandhaafd blijft.

Bron(nen):   De Volkskrant