Amsterdamse cultuursector wil ook na 1 oktober financiële steun

Amsterdamse culturele instellingen verkeren nog altijd in financieel zwaar weer vanwege het wegblijven van bezoekers door de coronacrisis. Dat concludeert amsterdam&partners, dat verantwoordelijk is voor de stadsmarketing. Het bureau heeft gekeken naar het aantal bezoekers bij ruim 55 Amsterdamse musea en podia. De cultuursector pleit er dan ook voor dat het Rijk ook na 1 oktober nog financiële steun geeft.

Bij de Amsterdamse musea waren er in 2020 68 procent minder bezoekers dan in 2019, toen er 13,4 miljoen kaartjes werden verkocht. In 2021 trokken de Amsterdamse musea tot en met augustus 87 procent minder bezoekers dan in 2019. De Amsterdamse podia en theaters trokken in 2019 2,1 miljoen bezoekers, in 2020 daalde dat met 71 procent. In 2021 daalde tot en met augustus de bezoekersaantallen zelfs met 93 procent bij de podia en theaters. Vooral het wegblijven van de buitenlandse bezoekers zorgen voor een dalende kaartverkoop in de cultuursector.

"De Amsterdamse culturele sector vormt mede de ziel van de stad en is een belangrijke motor voor werkgelegenheid, de leefbaarheid in de stad én talentontwikkeling", stelt Annet Lekkerkerker, voorzitter van Amsterdamse Culturele Instelling (ACI), het gezamenlijke platform van de Amsterdamse culturele instellingen. "De culturele sector heeft ook na 1 oktober nog steun nodig. We roepen het Rijk dan ook op om de financiële steun na 1 oktober te continueren."

Demissionair premier Mark Rutte erkende vorige week dat de cultuurbranche op Prinsjesdag niet de aandacht heeft gekregen die zij verdient. Het kabinet is bereid de sector langer financieel te blijven ondersteunen, zo beloofde hij tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen in de Tweede Kamer.