Berlijn en Parijs: tijd voor terugkeer begrotingsdiscipline

PRAAG (ANP) - Het is tijd dat de eurolanden terugkeren naar begrotingsdiscipline, stelt de Duitse minister Christian Lindner (Financiën). Het besluit van de Europese Centrale Bank donderdag om de belangrijkste rentetarieven met 0,75 procentpunt te verhogen in de strijd tegen de inflatie is "een sterk signaal, maar de lidstaten moeten ook hun plicht vervullen", aldus Lindner in Praag, waar de Eurogroep de hoge energieprijzen en de inflatie bespreekt.

Volgens de Duitser zijn investeringen in bijvoorbeeld duurzaamheid noodzakelijk "maar anderzijds moeten we terugkeren naar stabiele overheidsfinanciën", zei hij. Met name de door de coronacrisis en nu de oorlog in Oekraïne sterk opgelopen staatsschulden moeten gecoördineerd worden aangepakt, aldus Lindner, die samen met de Franse minister Bruno Le Maire voor de camera verscheen. "Onze gezamenlijke boodschap is die van eenheid en kracht", zei Le Maire.

De Europese Commissie komt volgende maand met een pakket voorstellen over hervorming van de EU-begrotingsregels. De regels over begrotingstekorten en staatsschulden werden kort na de Covid-19-uitbraak in 2020 tijdelijk opgeschort zodat de lidstaten huishoudens en bedrijven financieel konden steunen zonder daarvoor te worden gestraft. Nu zorgt de energiecrisis voor onverwachte extra uitgaven.

Maatwerk

De ministers discussiëren in Praag over die regels. Sommige landen vinden dat bepaalde leningen voor (bijvoorbeeld groene) investeringen van de overheid niet moeten meetellen als staatsschuld.

Ook het gezamenlijke document van minister Sigrid Kaag en haar Spaanse collega van Financiën Nadia Calviño dat zij in april presenteerden komt zaterdag naar verwachting aan de orde. Daarin pleiten ze voor meer maatwerk als het om de aanpak van hoge staatsschulden in eurolanden gaat. In plaats van dat alle landen verplicht hun schuld boven de 60 procent van het bruto binnenlands product (bbp) jaarlijks met een twintigste deel ervan afbouwen, willen Kaag en Calviño dat de landen zelf meer inspraak hebben over de afbouw van hun schuldenlast. Effectieve handhaving is daarbij een vereiste, stellen ze.