Cats: zwemploeg is financiële bijdrage NOC*NSF meer dan waard

TOKIO (ANP) - Technisch directeur André Cats van zwembond KNZB rekent erop dat sportkoepel NOC*NSF de jaarlijkse topsportbijdrage voor de zwemploeg in stand houdt. Na het debacle op de Spelen van Rio 2016, waar de zwemmers geen enkele medaille pakten, was de druk groot om in Tokio wél te presteren. Met twee zilveren medailles voor Arno Kamminga en daarnaast een aardig aantal finaleplaatsen heeft de zwemploeg volgens Cats aangetoond de jaarlijkse bijdrage van ruim 1,4 miljoen euro waard te zijn.

"Wat mij betreft hebben we laten zien dat we op de goede weg zijn en dat we hierop door moeten gaan. Daar hebben we wel voldoende middelen voor nodig", aldus Cats. "We praten daar ieder jaar over met NOC*NSF. Nu korten op het budget lijkt me uiterst onverstandig. Dan weet je één ding zeker: dat je het kind met het badwater wegspoelt. We hebben minstens hetzelfde of meer nodig om door te gaan met waarmee we bezig zijn."

NOC*NSF geeft ook financiële steun aan andere takken van de KNZB. Zo krijgen de waterpolosters jaarlijks 810.000 euro en de schoonspringsters 115.000 euro. Inge Jansen haalde in Tokio op de 3-meterplank de olympische finale, Celine van Duijn komt in actie op de 10-metertoren.

Alleen zeilen, roeien, judo en atletiek krijgen dit jaar een hogere bijdrage dan de sportkoepel dan de zwemploeg. NOC*NSF bepaalt de hoogte van de topsportbijdrages vooral op basis van prestaties.