EBU wijst nieuwe gesprekken over songfestival af: risico te hoog

De European Broadcasting Union (EBU) heeft nogmaals aangegeven dat het Eurovisie Songfestival volgend jaar niet in Oekraïne plaats kan hebben. De Europese omroepenkoepel wijst donderdag in een nieuw statement op de reglementen waarin staat dat het evenement kan worden verplaatst in geval van overmacht, zoals bij een oorlog. Ook kan de EBU de veiligheid van medewerkers en fans simpelweg niet garanderen.

De EBU stelt dat er onder meer risico's zijn van luchtaanvallen door vliegtuigen, drones of raketten die een aanzienlijk aantal slachtoffers zouden kunnen maken. De koepel heeft ook veiligheidsadvies van derden ingewonnen en ook daaruit kwam naar voren dat het risico op een groot incident te hoog is.

Verder waren er zorgen over het feit dat delegaties en deelnemers überhaupt wel naar Oekraïne wilden reizen in het geval de oorlog nog steeds gaande was. De EBU heeft nog gekeken of een songfestival op een grenslocatie in een buurland mogelijk was, maar de locaties en de infrastructuur voldeden niet aan de eisen. "We hebben daarom met spijt in ons hart de beslissing genomen om naar een ander land te gaan", aldus de EBU.

Boris Johnson

Na de eerste mededeling vorige week vrijdag eiste de Oekraïense omroep UA:PBC nieuwe onderhandelingen. De omroep zag anders dan de EBU wel degelijk mogelijkheden voor een songfestival in Oekraïne en was bovendien boos dat de beslissing buiten zijn weten om was genomen.

Daar kwam nog bij dat diverse Britse politici eveneens vonden dat Oekraïne het evenement wel kon organiseren, omdat het land het festival eerlijk hadden gewonnen. Een van hen was premier Boris Johnson. Hij zei na een bezoek aan Kiev dat Oekraïne het had verdiend. De uitspraken kwamen nadat de EBU kenbaar had gemaakt dat Groot-Brittannië nu in beeld is gekomen als mogelijke organisator. Er lopen inmiddels gesprekken met de BBC.