Geëmotioneerde oud-NCG Alders had het idee dat hij belazerd werd

DEN HAAG (ANP) - Aan het einde van zijn tijd als Nationaal Coördinator Groningen had PvdA-bestuurder Hans Alders "echt het idee had dat we belazerd werden". Een zichtbaar gefrustreerde en geëmotioneerde Alders had het gevoel "dat alles gebruikt werd om te vertragen, om het klein te krijgen".

In de formatie van 2017 begon de frustratie zich op te bouwen. Eind van dat jaar dacht Alders al: "Ik ben er nu echt helemaal zat van. Ik ga ermee naar buiten." Uiteindelijk schreef hij in mei 2018 een veelbesproken boze brief aan toenmalig minister Eric Wiebes van Economische Zaken, waarin Alders zijn ontslag aankondigt. Tegenover de parlementaire enquêtecommissie die de gaswinning in Groningen onderzoekt, vertelt Alders dat hij maanden eerder al een 'conceptversie' schreef aan Wiebes.

Daarop volgde een "intensief proces" met "krankzinnige momenten" waarin Alders de zaken naar eigen zeggen probeerde op te lossen. Maar op een gegeven moment zag Alders dat hij de boot niet meer kon keren, aldus de voormalige commissaris van de Koningin aan de commissie.

Wrok

Na het aantreden van het nieuwe kabinet in het najaar van 2017, leek de rol van de Nationaal Coördinator te verschuiven. Wiebes vroeg Alders als adviseur op te treden, en intern werd de organisatie als uitvoerder omschreven. Alders vond het ook niet gek om de functie van de instantie onder de loep te nemen, maar "ik kreeg heel snel het idee: we gaan tornen aan de afspraken die we gemaakt hadden". Daar zit zijn wrok, legt Alders uit.

Overigens richtte Alders' woede zich niet alleen op het kabinet en het ministerie van Economische Zaken, maar ook vooral op de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) en het Centrum Veilig Wonen, een instantie die in die tijd over schademeldingen ging.

Het ging bijvoorbeeld mis bij het onderzoeken van huizen die in beeld waren voor versterking, om problemen door aardbevingen als gevolg van de gaswinning te voorkomen. "Alles liep dan volgens planning, en ineens kwam de mededeling: het is niets. We waren tweeduizend woningen zo ineens kwijt." Dan wist geen van de instanties of de huizen geïnspecteerd waren "of wie ze onder zijn hoede had".