NOS Jeugdjournaal zoekt ook in oorlogstijd naar hoop

"Ja, we vertellen wat er gebeurt in Oekraïne en ook dat er bommen zijn gevallen", zegt Sonja Verbaarschott, plaatsvervangend chef van het NOS Jeugdjournaal, vrijdag tegen het ANP. Maar ook proberen we "onderwerpen altijd iets positiefs mee te geven". Het NOS Jeugdjournaal doet net als het NOS Journaal verslag van de oorlog in Oekraïne, maar omdat het programma zich op een jonge doelgroep richt, moeten soms andere keuzes worden gemaakt.

"We zijn een nieuwsprogramma voor kinderen", legt Verbaarschott uit. "We kennen geen taboes, maar moeten wel zorgen dat de onderwerpen die we maken aansluiten bij de doelgroep 9 tot 12 jaar. Dat doet iets met de keuzes die je maakt in taal, in beeld en in de onderwerpen." Belangrijk vindt de journalist het zoeken naar een sprankje hoop in de berichtgeving.

Zo brengt het Jeugdjournaal in een uitzending dat er bommen zijn gevallen, maar ook het verhaal van een 14-jarig meisje, dat samen met haar ouders Oekraïense vluchtelingen ophaalt en in huis neemt. "Berichten over de oorlog proberen we positief te eindigen, we proberen echt op zoek te gaan naar iets dat geruststellend is of fijn om te benoemen." Het einde van de uitzending bevat dan ook altijd "een vrolijke noot".

Cito-toets

Het Jeugdjournaal gaat bovendien iets minder over de invasie dan 'het grote mensen Journaal', zoals de redactie van het Jeugdjournaal het NOS Journaal vaak noemt. "Toen de oorlog uitbrak hadden we het er de hele uitzending over. En dat vind ik dan volkomen logisch. Maar als we dat dag in dag uit zouden doen, dan zou niemand meer naar het Jeugdjournaal kijken." Want kinderen zijn ook met andere dingen bezig, denkt Verbaarschott. "Sommige kinderen voeren actie voor 555, maar ze zijn ook bezig met sportclubjes en bijvoorbeeld straks de Cito-toets."

Het Jeugdjournaal krijgt geregeld complimenten over de bulletins. "Daar zijn wij trots op. Maar het is niet dat we daar steeds mee bezig zijn." Je doet het gewoon zo goed mogelijk, zegt ze. "En als dat opvalt in positieve zin, dan is dat fijn." Niet alleen volwassenen waarderen de uitzendingen. Veel kinderen laten weten het fijn te vinden "dat ze het hierdoor iets beter begrijpen", zegt Verbaarschott. "Of ze geven in hun reacties aan dat ze oorlog heel erg vinden en het zielig vinden voor de kinderen daar."