Ollongren: einde gaswinning zou 1,9 miljard schelen in versterking

DEN HAAG (ANP) - Toen het vorige kabinet in maart 2018 besloot de gaswinning in Groningen op termijn helemaal te stoppen, was de voorzichtige verwachting dat daardoor zo'n 4000 huizen minder aardbevingsbestendig gemaakt hoefden te worden. Daar werd een bedrag van 1,9 miljard euro aan gekoppeld, zegt toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren

"Maar dat was allemaal heel erg tentatief", benadrukt Ollongren tijdens haar verhoor door de parlementaire enquêtecommissie die onderzoek doet naar de gaswinning. Er was volgens haar op dat moment niet meer dan "een begin van een beeld dat minder gaswinning minder versterking zou betekenen".

Ondanks die onzekerheid besloot het kabinet in maart 2018 dat de gaskraan geleidelijk verder zou worden dichtgedraaid en op termijn helemaal zou worden afgesloten. Volgens Ollongren was daar haast bij omdat er nu eenmaal op dat moment een besluit moest worden genomen over de gaswinning.

Te rooskleurig

De hoop was dat daarmee de versterkingsopgave "kleiner en beheersbaarder" zou worden. Zeker achteraf bezien was het "veel te rooskleurig" om te denken dat het heel veel zou schelen, zegt Ollongren nu. Maar ook toen de discussie in het kabinet speelde, waarschuwde zij daar naar eigen zeggen haar collega Eric Wiebes (Economische Zaken) al voor.

Wiebes besloot desondanks voor een deel van de versterkingsoperatie op de pauzeknop te drukken, totdat een advies van de Mijnraad meer duidelijkheid zou verschaffen over de bevingsrisico's. Dat leidde tot veel commotie. Volgens Ollongren heeft wel altijd "buiten kijf" gestaan dat de versterking van echt onveilige woningen door moest gaan.

Voormalig topambtenaar

De huidige minister van Defensie werd gehoord door de enquêtecommissie omdat de regie over de versterkingsoperatie gedurende de vorige kabinetsperiode werd overgeheveld van Economische Zaken naar Binnenlandse Zaken. Ook kreeg zij vragen over haar betrokkenheid bij het gasdossier als voormalig topambtenaar op het ministerie van Algemene Zaken, het departement van premier Mark Rutte.

Ollongren was de eerste bewindspersoon uit het zittende kabinet die moest verschijnen voor de enquêtecommissie. Ook Rutte en staatssecretaris Hans Vijlbrief (Mijnbouw) komen nog aan bod.