Opnieuw boete geëist voor straatintimidatie

DEN HAAG (ANP) - In hoger beroep heeft het Openbaar Ministerie opnieuw een boete geëist tegen een 36-jarige Rotterdammer die vorig jaar zomer op straat acht vrouwen zou hebben lastiggevallen door ze na te roepen, kus- en handgebaren te maken en achter ze aan te lopen. Sinds vorig jaar heeft Rotterdam straatintimidatie strafbaar gesteld via een plaatselijke verordening (APV). De man was eind vorig jaar de eerste die hiervoor door de kantonrechter werd veroordeeld. De zaak is ook de eerste die in hoger beroep dient.

Rotterdam en Amsterdam hebben hun APV aangepast om gesis, naroepen en seksuele intimidatie op straat aan te kunnen pakken en wachten nu op een principe-uitkomst in deze zaak. Rotterdam heeft al zes andere zaken op de plank liggen.

Het OM bestrijdt het oordeel van de kantonrechter dat alleen de gebaren en het achternalopen strafbaar zijn en dat dit niet het geval is met de woorden waarmee hij de vrouwen nariep. De uitlatingen zouden onder de vrijheid van meningsuiting vallen. Maar het OM vindt dat uitjouwen en aanstootgevende woorden in deze context niet beschermd worden door dit grondrecht.

Verdachte Everon El F. had eerder bekend dat hij opmerkingen als "hé schatje, blijf nog even bij me" of "hé mooie dame, je ziet er goed uit" had gemaakt en achter de vrouwen aan was gelopen. Hij zei destijds dat hij niet wist dat dit alles niet mocht. Dinsdag was hij niet bij de zaak.

De kantonrechter veroordeelde de man tot een voorwaardelijke boete van twee keer 100 euro. Dinsdag eiste de aanklager voor het gerechtshof in Den Haag twee maal 170 euro boete. Het hinderlijke gedrag van de man en de afwerende reacties van de vrouwen werden gezien en gerapporteerd door gemeentelijk toezichthouders. Het is volgens het OM niet noodzakelijk dat betrokkenen zelf aangifte doen.

Uitspraak op 19 december.