Poetin en Scholz bellen elkaar over Oekraïne

MOSKOU/BERLIJN (ANP/AFP) - President Vladimir Poetin en bondskanselier Olaf Scholz hebben met elkaar gebeld over de oorlog in Oekraïne, zo is in Moskou en Berlijn bekendgemaakt. Volgens de persdienst van het Kremlin belde Scholz Poetin op "om bepaalde aspecten van de oorlog te bespreken". Poetin heeft daarbij gevraagd of Duitsland zijn positie ten aanzien van het conflict niet zou moeten heroverwegen omdat het Westen "een destructieve lijn volgt".

Scholz drong erop aan dat Poetin een diplomatieke oplossing voor het conflict moet zoeken om de oorlog te beëindigen en door troepen terug te trekken. Maar volgens Poetin is het grote probleem dat Kiev blijft weigeren te onderhandelen en dat zou komen doordat westerse landen, inclusief Duitsland, Oekraïne "volproppen met wapens" en het Oekraïense leger trainen. Het westerse beleid moedigt volgens Poetin ook radicale Oekraïense nationalisten aan om in de strijd meer misdaden te plegen tegen burgers.

Poetin zei over raketaanvallen op het energienetwerk van Oekraïne dat die een reactie zijn op Oekraïense aanvallen op de civiele infrastructuur zoals de Krimbrug bij Kertsj en energiefaciliteiten, inclusief de terroristische aanslag op de gaspijpleidingen van Nord Stream in de Oostzee. De aanslag op de pijpleidingen betekenden een klap voor de invloed van Rusland in Europa en voor de inkomsten van Rusland. Er loopt een onderzoek naar wat er is gebeurd met de pijpleidingen en wie erachter zit.

Westerse leiders mijden Poetin en überhaupt contacten met Rusland. Poetins minister van Buitenlandse Zaken Lavrov mocht niet eens naar een conferentie van de OVSE (Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa) in Polen komen die vrijdag afsluit in Lodz. Ruim drie maanden geleden belde de Franse president Macron met Poetin over de spanningen in en rond de grote kernenergiecentrale bij Enerhodar aan de rivier de Dnjepr. In november was er een discreet gesprek tussen de chefs van een Amerikaanse en een Russische inlichtingendienst in Turkije. Het ging om Bill Burns van de CIA en Sergej Narisjkin van de SVR (Buitenlandse Inlichtingendienst).