Vertegenwoordiger Suriname: excuses Weerwind niet acceptabel

DEN HAAG (ANP) - Het is in "geen enkele omstandigheid" acceptabel voor Suriname als minister Franc Weerwind (Rechtsbescherming) namens de regering excuses aanbiedt voor het slavernijverleden. Dat zegt Johan Roozer van het Surinaamse Nationaal Comité Herdenking Slavernij na het gesprek met Mark Rutte en andere kabinetsleden in het Catshuis.

Eerder lekte uit dat Weerwind op 19 december naar Suriname zal reizen om over excuses te praten. Roozer vindt eventuele excuses van Weerwind ongepast omdat de minister zelf nazaat is van tot slaaf gemaakten. Hij pleit ervoor dat een "wit persoon" excuses aanbiedt in Suriname.

"Hij is zelf nazaat, hij heeft zelf ook 'reparations' (genoegdoening) nodig", zegt Roozer over Weerwind. Excuses namens de regering van Weerwind zullen volgens hem niet worden geaccepteerd door Suriname. Dat heeft volgens hem niets te maken met de persoon van Weerwind en zijn staat van dienst. "Het is iets spiritueels en dat heeft te maken met wie we zijn als Afro-Surinamers."

Datum aanbieden excuses

Voorafgaand aan het overleg was Roozer zeer kritisch over de datum van 19 december waarop excuses zullen worden aangeboden volgens uitgelekte plannen. Hij vond die dag willekeurig gekozen en pleitte voor excuses op 1 juli 2023, als herdacht wordt dat 150 jaar geleden de slavernij feitelijk ten einde kwam. Roozer zegt dat er nog gesprekken komen met het kabinet en dat het van de uitkomst afhangt of 19 december acceptabel is voor Suriname.

In het Zuid-Amerikaanse land leeft veel onvrede over de rommelige aanloop naar de Nederlandse excuses voor de slavernij. Volgens Roozer zijn vertegenwoordigers van het kabinet en de Tweede Kamer vooral in Suriname geweest om te luisteren, maar hebben ze vervolgens te weinig overlegd om af te stemmen hoe de excuses worden aangeboden.

Repareren van fouten

"De algemene teneur is dat excuses gewaardeerd zullen worden, maar dat fouten wel gerepareerd moeten worden", aldus Roozer.

Bij het Catshuisoverleg waren ook vertegenwoordigers van het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden aanwezig, alsook organisaties en mensen die zich bezighouden met het slavernijverleden.