Paul Haenen: “Als homoseksueel was je uitschot in die tijd”

In zijn dagboek schreef Paul Haenen dat hij ‘twijfelde’ over zijn geaardheid. In werkelijkheid was dat niet zo, vertelt de 73-jarige cabaretier in een uitgebreid interview in de Volkskrant. Aanleiding is zijn nieuwe boek Ik heb bekend, dagboeken 1958 – 1965 over zijn puberteit en zijn coming-out.

Hormooninjecties
“Ik twijfelde sinds mijn 6de al niet”, zegt Paul Haenen, “maar ik schreef het zo op in mijn dagboek omdat ik wist dat mijn moeder het zou lezen. Ik was bang dat ik dan hormooninjecties zou krijgen om van mij een hetero te maken. Ik dacht: als ik nou opschrijf dat ik twijfel, kan ik altijd nog zeggen: het is alweer over, ik had me vergist.”

Zelf maakte hij zich niet zo’n zorgen. “Ik wist wat ik voelde. Ik wist: dit wordt mijn leven, al zal het moeilijk worden, want als homoseksueel was je uitschot in die tijd. Het was vies, een ziekte, je moest ervan genezen. Dus ik dacht: als ik er weer over schrijf, krijg ik hormooninjecties. En dat wilde ik niet, want ik heb nooit gehoopt dat het over zou gaan.”

“Later heb ik een dagboek met een slotje genomen en er wel uitvoerig over geschreven. Maar toen zat ik al tegen mijn coming-out aan, ik was bijna 18 en veel strijdbaarder. Toen luisterde ik naar psychiater Trimbos, die op vrijdagavond een praatje had voor de KRO-radio en daar zei: homoseksualiteit is normaal.”

Ouders
Toen Haenen zijn ouders op de hoogte bracht van zijn geaardheid reageerden ze mild. “Mijn vader accepteerde het wel, maar ik kreeg geen omhelzing. En mijn moeder moest huilen, maar ze zei ook meteen: ‘Homo’s zijn heel goed voor hun moeder.’ Bij haar vond er een hele omwenteling plaats. Ze kreeg opeens ook een heel idealistisch beeld van homoseksuelen: dat waren hoogstaande mensen met een verheven relatie, die hadden in haar ogen ook geen seks met elkaar.”

#MeToo
Haenen heeft zijn eigen #MeToo-ervaring gehad met zijn huidige partner Dammie van Geest. “Ik zat naast Dammie op de achterbank en ik had niets te verliezen, dat is het voordeel als je depressief bent, dan maakt niets je meer uit. We waren allebei ook behoorlijk dronken en daar, in het donker, werd ik handtastelijk. En hoewel Dammie toen nog een vriendin had, ging hij daarin mee. Toen ik in Amsterdam werd afgezet, is Dammie met mij mee naar binnen gegaan. Dat is nu 47 jaar geleden. Dus ja, mensen moeten in het MeToo-tijdperk ook weer niet te bang zijn om grensoverschrijdend gedrag te vertonen. Er zijn ook leraren die iets met een leerling krijgen en dat mag absoluut niet, daar ben ik het mee eens, maar je hebt er die jaren later samen nog steeds gelukkig zijn. Je moet ook weer niet te veel in regeltjes denken.” Als dominee Gremdaat: “Je moet je éígen gang gaan! Nou, en zo is het.”

Bron(nen):   De Volkskrant