Jort Kelder vindt DWDD-kwestie ‘moord op klaarlichte dag’

Jort Kelder hekelt de manier waarop vermeende misstanden in de mediawereld momenteel aan het licht komen. Mogelijke daders worden door de publieke opinie al gestraft voordat er bewijs is. "Ik vind het moord op klaarlichte dag", zei de presentator zondag in het NPO Radio 1-programma De Perstribune over de situatie rond Matthijs van Nieuwkerk.

"Het is een soort wittemannentribunaal aan het worden nu. Alle 50-plusmannen moeten zich melden over hoe ze zich misdragen hebben", aldus Kelder over het huidige klimaat. "Eerlijk gezegd: ik heb 140 keer bij de De Wereld Draait Door gezeten en behalve een humeurig hoofd van Matthijs nooit iets gemerkt. (...) Natuurlijk, ik ga wangedrag, schelden, noem maar op, niet goed praten. Het is goed dat die bazen die zich zo'n grote mond toe-eigenen gecorrigeerd worden, maar wat een verdiensten heeft deze man, wat een tv-maker..."

Kelder vindt dat we niet moeten vergeten wat Van Nieuwkerk betekend heeft. "Zet hem drie maanden op Op1 en het is onvergetelijk op zijn manier. Dus dat moeten we niet helemaal vergeten. Ik wil zijn talent ook eren."

De Op1-host vindt het moeilijk dat er nu "iedere week een andere grote persoonlijkheid wordt geslachtofferd". "Het is een soort beeldenstorm die gaande is. Je moet ook een beetje mild zijn, even afwachten op de tweede reactie", vindt hij. Grondig onderzoek is nodig, en niet eerder zou iemand ontslagen moeten worden. "Wat er nu gebeurt in de publieke opinie is: iemand wordt eerst onthoofd en dan gaan ze een beetje rond het lijk lopen dansen met een rapportje. Dan heeft het geen zin meer."