Letland, de eerste dominosteen

Letland staat op het randje van faillissement. Gevreesd wordt dat een eventuele valutacrisis in dat landje voor een domino-effect zorgt en zich uitbreidt naar omringende landen zoals Estland, Litouwen en de rest van Oost-Europa. De Letse economie kromp in het eerste kwartaal met liefst 18 procent. De export nam met 40 procent af. Investeerders halen massaal hun gelden uit het land terug, waardoor de lat onder stevige neerwaartse druk staat.
Het ligt voor de hand om de vaste koers van de munt ten opzichte van de euro te laten varen. Dat zou de concurrentiepositie van de Baltische staat sterk verbeteren. Maar Letland wil hier niet aan, omdat met een goedkopere munt importen duurder worden, waardoor de inflatie torenhoog oploopt.
Ook zouden veel Letten in betalingsproblemen komen, omdat de waarde van hun in euro’s genoteerde schulden stijgt. Ongeveer 90 procent van de totale particuliere Letse schuld is in euro’s. De meeste van die leningen zijn afgesloten bij Zweedse banken.
Arnoud Boot, hoogleraar Financiële Markten aan de Universiteit van Amsterdam: ‘De ECB maakt zich grote zorgen. Als Letland valt, is de kans groot dat investeerders ook het vertrouwen in omringende landen verliezen, zoals Estland en Litouwen en andere Oost-Europese landen. Het onderlinge besmettingsrisico is zeer groot, en instabiliteit in Oost-Europa heeft onmiskenbaar grote gevolgen voor West Europa.’
Als de rust niet op korte termijn terugkeert, is het gevaar dat de valutacrisis in Letland zich uitbreidt naar landen in de regio, zoals dat in 1997 in Zuidoost-Azië met de Thaise baht gebeurde.
‘De kans dat het uit de bocht vliegt, is zeker niet gering’, zegt Boot. ‘Vaak zie je in dit soort gevallen dat er niet tijdig voldoende politiek draagvlak is om de goede maatregelen te nemen.’

Bron: de Volkskrant