Fraude-onderzoek tegen acht banken

Openbaar aanklager van New York Mario Cuomo (zie foto) heeft een onderzoek ingesteld tegen acht banken die van fraude worden verdacht. De vraag is of zij in 2008 en de jaren daarvoor misleidende informatie hebben verstrekt aan zogenoemde kredietbeoordelaars, om de waarde van bepaalde hypotheekobligaties kunstmatig op te blazen.

Het lijkt erop dat de autoriteiten in de Verenigde Staten nu eindelijk doordringen tot de kern van wat in 2008 ten grondslag lag aan de kredietcrisis. Destijds vroegen velen zich al af hoe het mogelijk was dat financiële producten, die van de kredietbeoordelaars een hoge kredietstatus hadden gekregen, zo snel in waarde waren gedaald dat beleggers binnen luttele dagen honderden miljoenen dollars kwijt waren geraakt. Aanvankelijk werden de kredietbeoordelaars, die de kredietwaardigheid van bedrijven, landen en financiële producten beoordelen, als de vermoedelijke hoofdschuldigen aangewezen. Maar nu blijkt dat een aantal banken, waaronder Goldman Sachs, Merrill Lynch en Morgan Stanley, waarschijnlijk doelbewust heeft geprobeerd de kredietbeoordelaars op het verkeerde been te zetten.

Dat deden ze met behulp van een methode die ‘reverse engineering’ heet. Het komt erop neer dat ze de openbare computermodellen, die de kredietbeoordelaars gebruikten om hun waarderingen te berekenen, net zo lang hebben gevoed met gegevens over bepaalde producten tot die modellen aangaven dat ze veilig waren, hoewel dat in werkelijkheid lang niet altijd het geval was. Daarnaast lokten ze voor veel geld medewerkers van kredietbeoordelaars naar zich toe om nog beter in staat te zijn producten te construeren die door de modellen – dikwijls onterecht – zouden worden voorzien van een hoge kredietstatus.

Het is interessant om te zien waar al deze onderzoeksdrift toe leidt en of het tot daadwerkelijke aanklachten zal komen.

Bron(nen):   The New York Times