Hoogleraar: “Door automatisering zijn er straks mogelijk te weinig banen voor de middenklasse”

Laaggeschoold werk blijft er genoeg en ook voor hoger opgeleiden zijn er in de toekomst voldoende banen, maar door automatisering krijgen middelbaar opgeleiden het moeilijk, vertelt de Amerikaanse hoogleraar David Autor in NRC.

De automatisering "duwt deze mensen naar beneden, naar laagbetaalde banen”, zegt Autor, autoriteit op dit gebied. "Als je niet op een hoger niveau kunt werken, ga je waarschijnlijk op zoek naar banen waarvoor je algemenere vaardigheden nodig hebt: vrachtwagenchauffeur, schoonmaker.”

Een voorbeeld van banen die al verdwenen zijn? "Bij Amazon hadden ze in het begin mensen die bepaalden hoeveel er van ieder product bijgekocht moest worden, onder meer door consumententrends in de gaten te houden. Nu doen computers dat, die gebruikmaken van kunstmatige intelligentie.”

Vooral op administratief en juridisch gebied verdwijnen nu al veel banen, omdat computers het werk overnemen. "Ik ben erg bezorgd over de mogelijkheden die landen hebben om dit soort goede middenklassebanen te behouden”, zegt Autor.

Maatschappelijke onvrede
"Het gaat niet om de hoeveelheid banen. Er kunnen meer dan genoeg banen zijn en tegelijk veel werklozen die dat werk niet kunnen doen. Dan heb je een tekort aan softwareontwikkelaars en een overschot aan serveersters. De grootste uitdaging zit in de kwaliteit van die banen. In de VS zien we nu al een overvloed aan laagbetaald, onzeker werk dat geen goede loopbaankansen biedt.”

Vorig jaar schreef Autor al in een uitgebreid rapport dat er maatschappelijke onvrede ontstaat door de veranderende arbeidsmarkt. "De angst dat sommigen achterblijven bij de groeiende welvaart kan leiden tot politieke en regionale verdeeldheid en wantrouwen in instituties."

De ongelijkheid neemt toe en dat maakt mensen ongelukkig. "Ik wil niet claimen dat dit allemaal door technologisering en globalisering komt. Maar het is wel aangetoond dat deze economische omstandigheden polarisatie in de hand werken.”

Bron(nen):   NRC