CPB: Rijkste 1 procent van de Nederlanders betaalt de minste belasting

Rijken klagen vaak over hoeveel belasting ze moeten betalen. Onterecht: de rijkste 1 procent van de Nederlanders betaalt het minst aan de fiscus en de laagste inkomens dragen het meeste af, concludeert het CPB.

Het Nederlandse belastingstelsel leidt niet tot een grote herverdeling en is minder progressief dan gedacht, zegt het Centraal Planbureau na nieuwe berekeningen. De midden- en hoge inkomens dragen 40 procent van hun inkomen af. De armsten zelfs 55 procent, maar dat wordt nog enigszins gecompenseerd met toeslagen.

Je denkt misschien: hoe kan het dat we dat nog niet wisten? Dat komt omdat het CPB een nieuwe (veel eerlijkere) rekenmethode hanteert. Eerder werd alleen gekeken naar belasting op arbeid, nu worden ook indirecte belastingen zoals accijnzen, btw en sociale premies meegenomen plus toeslagen voor bijvoorbeeld zorg en onderwijs.

En daaruit blijkt: middeninkomens betalen 40 procent belasting en de rijkste 1 procent maar 21 procent. "De sterkste schouders dragen dus niet de zwaarste lasten", zegt Arjan Lejour, hoofdonderzoeker bij het CPB, tegen de NOS.

Als je indirecte belastingen en vermogen meeweegt, ontstaat een heel ander beeld van de welvaartsverdeling in Nederland. "Dat komt omdat je een soort minimum hebt aan wat je uitgeeft aan leven, denk aan boodschappen en benzine. Als je meer verdient, wordt het deel dat je uitgeeft aan consumptie steeds kleiner. Dat betekent dat je relatief gezien minder btw gaat betalen," legt Lejour uit.

Ook heeft het CPB voor het eerst vermogen uit beleggingen, woningverhuur en opgepotte bedrijfswinst meegenomen. En vooral daar wringt de schoen: de inkomensongelijkheid is in Nederland nog relatief laag, maar de veel zwaarder wegende vermogensongelijkheid is internationaal gezien juist erg hoog.