Waarom je ongelukkig wordt van een geluksmanager

Een tevreden werknemer is niet langer voldoende, gelukkig moet hij zijn. Daarom nemen steeds meer bedrijven een geluksmanager in dienst, ook wel CHO (Chief Happiness Officer) genoemd. Maar laat die nou net het tegenovergestelde effect hebben, betoogt de Vlaamse hoogleraar Arbeidspsychologie aan de UGent, Frederik Anseel.

Hij noemt in De Standaard vijf redenen waarom je van een geluksmanager juist ongelukkig wordt.

1. Studies tonen aan dat mensen die als doelstelling krijgen hun geluk te verhogen, zich eenzamer en ongelukkiger voelen. Een van de redenen is dat dat je afleidt van je werk en je je te veel richt op de diepte en intensiteit van je gevoelens.

2. We overschatten de maakbaarheid van geluk. Zowat 50 procent van je geluksgevoel is erfelijk bepaald. De impact van je werk op je algemeen geluksniveau is beperkt. Mensen werken keihard om die ene promotie binnen te halen omdat ze geloven dat alles dan anders wordt. Niet dus.

3. Geluk is een bijproduct van zinvolle activiteiten. Het effect van goede prestaties op werktevredenheid (dus de omgekeerde richting) blijkt even groot als het effect van werktevredenheid op goede prestaties.

4. Het onderliggende idee van de gelukstrend is een klassieker: a happy worker is a productive worker. Hier verwordt het sturen van menselijke emoties een instrument om economische doelstellingen te bereiken. Maar als er gereorganiseerd moet worden, toont het bedrijf dan ook nog dat het geluk van zijn medewerkers prioritair is?

5. Mensen hebben het recht om ongelukkig te zijn. Als geluk eenvoudig maakbaar is én de verantwoordelijkheid van een chief happiness officer, dan wordt het wel vervelend als jij niet gelukkig bent, want daar wordt de geluksmanager op beoordeeld. Het zou je zomaar eens je baan kunnen kosten.

Bron(nen):   De Standaard (betaald)