Ebenhard

Toch wel grappig, die dolkstoot van Eberhard van der Laan in de rug van Wouter Bos. Het was natuurlijk geen dolkstoot, want het was geen dolk. Het was meer een nagelknippertje. Maar toch…

In Buitenhof vertelde Van der Laan dat hij het nooit zo ver met het CDA zou hebben laten komen, want hij kon het goed vinden met zijn CDA-kameraden. Ab Klink was een echte schat, en Ernst (Hirsch Ballin), daar kon je ook fijn mee knikkeren, en Donner was gek op schuine moppen die hij altijd in de fietsenstalling vertelde. Bos en Balkenende  daarentegen – en daar was de nagelknipper – konden elkaar niet goed op het schild tillen. (Vooronderstelling: dat zou hij, Van der Laan, wel goed kunnen.)
We zagen het gebeuren. Plasterk opzij geveegd, Bos weggemaaid (anders wil het CDA niet) en dan komt Eberhard bovendrijven. Zonder zwembandjes, maar geheel uit vrije wil kan hij zich naar boven watertrappelen.

Van der Laan, die zo redelijk is dat hij zichzelf expres tegenspreekt uit respect voor de oppositie.

Je merkt dat hij advocaat is geweest, want hij verdedigt Wouter Bos met een enthousiasme alsof die Wouter B. een zwarte crimineel is voor wie hij, mr. Eberhard, nog net een taakstraf bij de rechter uit het vuur wist te slepen.

Ik mag hem wel. Hij is zo’n PvdA’er uit een goed milieu die, nadat de boodschappen zijn gedaan, nog wat kleingeld overheeft voor wat liefdadigheid, wat je ziet aan de manier waarop hij over ‘de prachtwijken’ spreekt. Rustig, bedaagd, goed geïnformeerd; de baas die complimenten uitdeelt aan zijn ondergeschikten en hun een kwartje extra in hun loonzakje geeft.
Lees verder

Bron(nen):   Parool