Journalisten zijn mietjes

Misschien hebt u wel eens een journalist ontmoet. En zo niet, dan kent u de soort vast van de film: cynische kerels die altijd alert zijn, die zich door niemand iets laten wijsmaken en die, als puntje bij paaltje komt, bikkelhard zijn. 
Onwillekeurig denken we hierbij even aan Ben Bradlee van The Washington Post ten tijde van het Watergate-schandaal, zie ook de gelijknamige film. Bradlee (1921) leeft trouwens nog steeds en werd onlangs op een bijzonder mooie manier geinterviewd door The Atlantic Monthly
Tot zover het verleden. 
In The Wall Street Journal maakt Sam Schulman zich lekker kwaad over de hedendaagse journalist. Softies zijn het! Eikels! Mietjes! 
Hij is op het spoor van een nieuw genre: de journalist die opschrijft hoe hij zich voor de gek liet houden. Hoe hij zo stom was dat hij in zeven sloten tegelijk liep. 
Neem Edmund L. Andrews. Schrijft over economie voor The New York Times. Publiceerde recentelijk een boek dat beschrijft hoe hij bijkans failliet ging omdat hij een ‘slechte’ hypotheek (subprime loan) had genomen waar op dit moment zoveel om te doen is. 
De sukkel! 
En de krant maakt ook nog melding van het boek en drukt er bovendien een uitgebreide voorpublicatie van af. The New York Times loopt dus eigenlijk te koop met het feit dat ze op de economieredactie een volstrekt incapabele verslaggever hebben, concludeert Schulman. 
Of neem Jeffrey Goldberg van The Atlantic
Schreef laatst een stuk over de grote verliezen die hij had geleden op de stock market. Omdat hij in zee was gegaan met een dubieuze handelaar van Merrill Lynch. En dat is dan de man, zo noteert Schulman honend, die jarenlang over ingewikkelde kwesties in het Midden-Oosten heeft geschreven. Zodat je onwillekeurig denkt: wat heeft die Goldberg zich daar wel niet allemaal laten wijsmaken? 
Hou toch op met dat softe gedoe, bromt Schulman. Schaam je liever voor je dommigheden. En loop daar niet langer mee te koop.

Bron(nen):   The Wall Street Journal