Kurt Westengaard spreekt (vrijuit)

Deze week ontving de Deense tekenaar Kurt Westengaard in Duitsland een onderscheiding voor zijn tekenwerk, de prijs voor de vrijheid van meningsuiting. De Fankfurter Allgemeine Zeitung zocht hem op in zijn zwaarbewaakte hotelkamer in Potsdam, waar Westergaard door lijfwachten werd omringd.
Westengaard maakte faam met zijn tekeningen van Mohammed, die in de islamitische wereld grote woede opwekten – denk aan de heilige profeet, afgebeeld met een stel bommen in zijn tulband. 
Bij demonstraties tegen zijn werk en dat van enkele Deense collega’s vielen meer dan 100 doden en nog maar een jaar geleden werd hij in zijn eigen huis bijna gedood toen een Somalische asielzoeker met een bijl de woning betrad om de tekenaar aan stukjes te hakken. Allah Akbar!
Westengaard maakt in dit gesprek een zeer evenwichtige indruk. Hij is blij met de vele blijken van medeleven die hij ontving toen hij zo in het nauw zat (en eigenlijk nog steeds zit) uit allerlei hoeken: van gewone mensen maar ook van politici en zelfs van regeringsleiders.
Wie zich oorverdovend stil hielden? De meeste collega-kunstenaars en intellectuelen. Een ontluisterende opmerking waarbij onze gedachten onwillekeurig uitgaan naar zijn collega Gregorius Nekschot – vervolgd door de Nederlandse justitie, bijgestaan door nagenoeg niemand. 

Bron(nen):   Frankfurter Allgemeine Zeitung