”Het idee dat onze kleinkinderen gevaar lopen omdat de aarde opwarmt, is volslagen mesjogge”

Nederlanders hoeven niet bang te zijn voor de gevolgen van klimaatverandering, zegt de invloedrijke econoom en klimaatonderzoeker Richard Tol (46) in het AD. ”Het idee dat onze kleinkinderen gevaar lopen omdat de aarde opwarmt, is volslagen mesjogge.”

De hoogleraar economie aan de universiteit van Sussex werkte mee aan de klimaatrapporten van het IPCC tot hij het in 2013 niet meer eens was met de conclusies. ”De realiteit is dat het klimaat nauwelijks invloed heeft op ons welzijn en onze welvaart.”

Hij vindt klimaatverandering ook niet het belangrijkste milieuprobleem. ”Vieze lucht veroorzaakt op dit moment grofweg 4 miljoen doden per jaar. Het VN-klimaatpanel IPCC stelt dat we aan het eind van deze eeuw maximaal een miljoen doden kunnen toeschrijven aan klimaatverandering. Dus een probleem dat over honderd jaar een miljoen doden veroorzaakt, is belangrijker dan een probleem dat nu miljoenen doden veroorzaakt? Volstrekte kolder.”

Een koolstofbelasting is volgens hem de oplossing. ”Voor zo’n koolstofbelasting heb je aan drie ambtenaren op het ministerie van Financiën genoeg. Want zo ingewikkeld is het heffen ervan niet. Bedrijven kunnen zich ondertussen concentreren op schonere vormen van energie. Technisch is het mogelijk. We weten hoe we wind, zon en waterkracht moeten omzetten in elektriciteit.”

Om zijn kleinkinderen maakt hij zich geen zorgen. ”De beste schatting is dat de zeespiegel deze eeuw een halve meter stijgt. Dat is van de grond tot onze knieën. Nederland heeft het geld en de kennis om er iets tegen te doen. Het zijn de allerarmsten die door klimaatverandering worden getroffen. Het gaat om de kleinkinderen van de mensen in een land als Bangladesh, dat wel gevaar loopt door de zeespiegelstijging.

En daar is Tol cynisch over: ”Maar waarom zijn we plotseling bezorgd om de kleinkinderen van mensen die ons weinig kunnen schelen. Armoede is een groter probleem dan klimaatverandering. Help je de armen door de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen?”

Bron(nen):   AD