Iran heeft helemaal niks te kiezen (Update)

Veel Nederlandse media geven de laatste dagen de indruk dat er morgen echt iets te kiezen valt in Iran, maar aan die illusie maakt de Britse journalist Con Coughlin vandaag in The Wall Street Journal een einde. De vier presidentskandidaten, zorgvuldig geselecteerd door de oppermachtige ayatollahs, zijn stuk voor stuk conservatieve hardliners die niets wezenlijks aan het beleid van Iran zullen veranderen.
Coughlin beschrijft hoe dertig jaar islamitische revolutie de Iraanse bevolking niets dan ellende heeft gebracht. Het land staat internationaal geïsoleerd en het misdadige regime deinst er niet voor terug de oppositie de mond te snoeren, overspeligen te stenigen en ledematen van criminelen te amputeren.
De gemiddelde Iraniër moet niets hebben van deze barbaarse toestanden, schrijft Coughlin, maar pro-democratische kandidaten staan morgen niet op de kieslijst. Het immense aantal van 475 aangemelde kandidaten is door de ayatollahs zorgvuldig teruggebracht tot vier en het mullahregime heeft die vier niet voor niets gekozen.
Huidig president Ahmadinejad is een ultra-conservatief en één van de oprichters van de Iraanse Revolutionaire Garde. Mohsen Rezaie wordt door Argentinië nog altijd gezocht voor betrokkenheid bij een aanslag op een joods cultureel centrum in Buenos Aires, waarbij 84 mensen omkwamen.
Opvallend is dat Coughlin de in veel media als hervormingsgezinde kandidaat Hossein Musavi wegzet als een conservatieve hardliner die al diende onder ayatollah Khomeini. En ook de vierde kandidaat, Mahdi Kharroubi, had en heeft volgens de Brit intensieve banden met zowel Khomeini als Khamenei.
Coughlin concludeert dat de Iraanse presidentsverkiezing van morgen een ‘Potemkin’-verkiezing is en waarschuwt het Westen en president Obama in het bijzonder dat niemand ‘change’ uit Teheran moet verwachten.
Update: Veel valt er inderdaad niet te kiezen, schrijft Afshin Elian op Elsevier.nl. Maar door de verkiezingen lopen de onderlinge tegenstelling wel zo hoog op dat het regime aan het wankelen wordt gebracht.

Bron(nen):   The Wall Street Journal  Elsevier