Leve de nieuwe wereld(cup)orde

Kunnen we geopolitieke lessen trekken uit het verloop van de WK?
Zo is het bijvoorbeeld verleidelijk in de vroege uitschakeling van Italië en Frankrijk een teken te zien van Europese aftakeling. En een Spaanse commentator van El País zag het debacle van Groot-Brittannië als een gevolg van het gedemoraliseerd proletariaat, veroorzaakt voor Margaret Thatcher. 
Nee, zegt Gideon Rachman in de Financial Times, de voetbalwereld is eerder een parallel universum, met een hoogst eigen wereldorde. Zo is Brazilië de voetbalsupermacht. Ook is er een soort Veiligheidsraad van landen die ooit de wereldcup wonnen, denk aan Argentinië, Duitsland, Italië en Uruguay. Terwijl, de echt opkomende landen, zoals China en India, op de voetbalplaneet totaal onbekend zijn.
Verder bestrijdt Rachman het idee dat voetbal oorlog is, maar dan zonder kogels (oud beeld van George Orwell). Nee, hij loopt zelf nu rond op het wk-toernooi en vindt het eerder een soort carnaval, een vrolijke boel waar mensen zingen, dansen en zich verkleden. 
Met voetbal kunnen mensen hun nationalistische gevoelens de vrije loop laten, maar dat blijft toch vrij mild. Heftige uitvallen van het ene land naar het andere kom je tegenwoordig eerder op de economische en politieke pagina’s van kranten tegen dan op de sportpagina’s.
Nee, de voetbalsport verbroedert. Een maand lang is er geen tijd voor oorlog of andere ellende, want iedereen moet kijken. Tot 11 juli blijft bijna al het onheil dat ons normaal teistert achterwege – om daarna met volle kracht weer terug te keren.

Bron(nen):   Financial Times