Leve de vooruitgang

Al een eerdere keer wezen we hier op de wekelijkse mailwisseling in The New York Times tussen David Brooks and Gail Collins aan de hand van 1 dragend idee. Noem het filosoferen op zondag.

De aflevering van deze week heet ‘In Praise of Progress’ en gaat over de vooruitgang die de wereld in een vaste greep heeft. Raar eigenlijk dat de vervoeging ‘progressief’ zo door links wordt geclaimd, want maar al te vaak staat links op de rem als de vooruitgang een dienst kan worden bewezen. Maar dit terzijde.

Brooks is gewoon lyrisch om wat de moderne tijd de massa heeft gebracht. Eeuwenlang leefden de mensen in armoe, onwetendheid, tussen ziektes en moesten ze zuchten onder geweld. En bovendien stonk het overal.

Maar dankzij meer vrijheid, wetenschap en techniek werd het leven veiliger, schoner, comfortabeler en nam de welstand op een ongekende manier toe. Sinds de 19e eeuw is er een opwaartse beweging waar geen eind aan lijkt te komen.

We hebben het veel en vaak over Afghanistan maar een land als Afghanistan wordt steeds meer zonderling. Alom neemt de welvaart toe en er lijkt geen weg meer terug.

En vergeet niet hoe de mobiliteit op vele manieren zijn heilzame werk doet. Wie vroeger in een miezerig milieu opgroeide, was de rest van zijn leven veroordeeld tot het blijven zitten waar hij zit. Inmiddels zijn de manieren om daaraan te ontsnappen talloos en je kunt niet anders concluderen dan dat dit een fantastisch tijdperk is, en dat de mooiste tijd nog moet komen.

Bron(nen):   The New York Times