Analyse van de Middle East-editor van de Financial Times

Door Roula Kalaf. We zijn er aan gewend dat jongeren in de Arabische wereld - de overgrote meerderheid van het volk - ontevreden zijn met hun heersers, maar te apathisch zijn om in opstand te komen. Ze mopperen over hun lot, omdat er geen werk is, dat het moeilijk is om te trouwen en een gezin te stichten, maar ze zitten achterover en wachten op betere tijden. Ze gaan ook niet stemmen, want waarom zou je?
Maar Tunesië slaat in als een bom. Rellen beginnen, en slaan over van stad naar stad. Het begint met vragen om meer werk, het eindigt met de roep om het vertrek van de dictator. Boze jongeren gaan de straat op, in de wetenschap dat ze daardoor gevaar lopen, anderen steken zichzelf in brand omdat de politie hun kleine handeltje opdoekte.

In de andere Arabische landen leven de jongeren mee met hun generatiegenoten in Tunesië, die ze op al-Jazeera, dat de kant koos van de opstandelingen, bezig zien. De andere heersers van de regio baden dat President Zein al-Abidine Ben Ali zijn legendarische vermogen tot onderdrukking zou gebruiken en zou winnen.
Ze kwamen bedrogen uit.
Ben Ali's gedwongen vertrek na een 23 jarig volkomen corrupt bewind is een les voor de andere oude bazen die even vervreemd zijn van wat er leeft onder hun jeugd.
Kijkt Hosni Mubarak wel eens televisie? Zien de heerser van Algerije, waar ook voedselrellen zijn, de beelden op Al Jazeera?
De samenloop van een heel jeugdige bevolking, economische stagnatie en een dictatuur is een recept voor onrust in andere landen in de Arabische wereld. Eigenlijk is Tunesië nog welvarend vergeleken bij het overbevolkte straatarme Egypte van Mubarak, die er ook al 30 jaar zit.
Dat Mubarak van het land een familiebedrijf wil maken door zijn zoon naar voren te schuiven wekt niet veel vertrouwen bij zijn volk.
De heersers van Arabie controleren nog altijd met harde hand de pers en het openbare leven. Maar vooral in Egypte en Saoedi Arabie is het internet bij de jeugd wijd verbreid.
En over bijna niets wordt online zo gemopperd als over de corruptie van de leiders. In de hele Arabische wereld zijn de jongeren klaar met de dieven die hen besturen, blijkt online.
WikiLeaks liet nog eens duidelijk zien hoe verschrikkelijk corrupt de familie van de Tunesische president is. Dat heeft ook geholpen. De gebeurtenissen in Tunesië zouden ook een wake up call moeten zijn voor de landen die de dictators steunen. Uit de WikiLeaks bleek dat de Amerikanen weinig illusies hadden over de aard van het bewind in Tunesië. Maar zowel Amerika als Europa denken dat ze moeten kiezen tussen corrupte potentaten of de gewelddadige Islam.

Bron(nen):   Financial Times (betaald)