Sinds we weg zijn gaat het beter in Uruzgan

NRC ging terug naar Uruzgan, waar Nederlandse journalisten kind aan huis waren tot onze jongens weggingen. Nuttig bezoek: Uruzgan blijkt er op vooruit te zijn gegaan, nu de Amerikanen de scpter zwaaien. Sinds de Amerikanen en Australiërs de controle in Uruzgan hebben overgenomen van de Nederlanders is daar veel veranderd. De arme landarbeider Abdul Wali is niet ontevreden, Hij reist gemakkelijk heen en weer tussen Tarin Kowt en zijn dorp, zonder dat hij wordt gestopt door vijandelijke groepen. Hij kan zelfs een uitstapje maken naar de Baluchi-vallei als hij wil, zegt hij.
Na het vertrek van de Nederlanders hebben de Uruzganen zelfs meer bewegingsvrijheid. Twee cruciale doorvoerwegen zijn geopend, iets wat de Nederlanders niet is gelukt. Bovendien is het landingsstripje voor vliegtuigen eindelijk verhard, waardoor er regelmatig vliegverkeer is. En braakliggende terreinen in Tarin Kowt staan nu vol nieuwe lemen kala’s, de ommuurde woningen van Afghanen. Een Nederlandse diplomaat die nog betrokken is bij Uruzgan maar niet met naam in de krant mag, is ‘verrast’ over hoe het nu gaat. Er zijn nog afrekeningen, bermbommen ontploffen nog en de Special Forces opereren agressief. Maar de gevechten zijn geluwd. Er zijn meer Afghaanse politie en soldaten naar Uruzgan gestuurd.
De Afghaanse Nederlander Latif Hamidi, een van de belangrijkste adviseurs voor de Nederlanders en nu werkzaam is bij de Australiërs, is positief verrast door de ontwikkelingen in Uruzgan, zegt hij.  „Ik heb veel geleerd van de Australiërs. We hadden dit ook moeten doen toen Nederland hier was.”