Woningnood: Beleggers azen op huurwoningen

Heel veel woningcorporaties gaan huizen verkopen aan beleggers, die wel winst zien in dat bezit. Ze hebben gelijk. Op dit moment worden amper nog nieuwe woningbouwprojecten gestart. De corporaties hebben geen geld meer, de gemeentes zijn blut, de projectontwikkelaars bang, de huizenkopers nog banger. En dus worden over een paar jaar te weinig nieuwe woningen opgeleverd. Kassa vooir wie dan iets te verhuren heeft.
Veertig procent van de grote woningcorporaties wil huurcomplexen verkopen aan particuliere en institutionele beleggers, volgens het Finaniceele Dagblad. Van de beleggers heeft 80% belangstelling. Door Haagse regelgeving worden er echter geen zaken gedaan.
Corporaties die willen verkopen, moeten woningen eerst aanbieden aan de zittende huurders, en dan aan andere corporaties.
Die hebben meestal niet de middelen’, zegt Marijn Snijders, directeur van Jones Lang Lasalle Nederland, de makelaarsgigant die gisteren met de cijfers naar buten kwam.
Jones Lang Lasalle peilde de meningen onder dertig corporaties en vijftig vastgoedbeleggers, en ziet alle reden om de overheid op te roepen de regels ‘per direct’ te verruimen. ‘Een deel van het corporatiebezit zou morgen nog verkocht kunnen worden’, stelt Snijders. ‘De huidige regelgeving houdt oplossingen voor het explosief stijgende huurwoningtekort in de groeiregio’s tegen.’ De corporaties zouden de verkoopopbrengsten immers kunnen gebruiken om te herinvesteren in nieuwe (sociale) huurwoningen of renovatie.
Maar is dat een goed idee voor de huurders? De woonbond:  ‘De praktijk leert dat huurders bij commerciële huurbazen 20% meer betalen voor een vergelijkbare woning’, aldus directeur Ronald Paping. ‘En waarom investeren ze niet zelf in de bouw van huurwoningen? Ze proberen goedkoop complexen van corporaties in handen te krijgen.’

Bron(nen):   Het Financieele Dagblad (betaald)