De Clintons: het personeel van het Witte Huis klapt uit de school

De jaren 1995-1997 waren bepaald niet de leukste om als personeel in het Witte Huis te werken. Het was de periode dat Bill een affaire had met Monica en Hillary het wist. “Je hoorde in die tijd zoveel scheldwoorden in het Witte Huis,” aldus een medewerker. Kate Andersen Brower tekent in haar boek ‘De Residentie’ de verhalen op van personeelsleden die destijds voor de Clintons werkten. Daarover schrijft het Belgische Humo.

Bloed
Op een dag, vlak nadat het overspel uitkwam, zat het bed van de president en de first lady onder het bloed. Een dienstmeisje dat de rotzooi had aangetroffen belde paniekerig naar iemand van de staf. Er moest onmiddellijk iemand komen. Het bloed was van Bill Clinton. De president had verschillende hechtingen nodig in zijn hoofd. Hij beweerde dat hij midden in de nacht tegen de badkamerdeur was gelopen. Maar niet iedereen geloofde dat. “We weten bijna zeker dat zij hem een klap had verkocht met een boek,” zei een personeelslid.

Op de bank
Nadat Hillary de affaire van haar man ontdekte, was de sfeer in het Witte Huis lange tijd om te snijden. In 1996 sliep de president drie of vier maanden op een bank in een kamer naast hun slaapkamer op de tweede verdieping. Voormalig hoofd van de voorraadkamer Bill Hamilton vertelt hoe moeilijk Hillary het had. “Het was allemaal erg veel voor haar en als je iets tegen haar zei, schoot ze uit haar slof.”

Mokkataart
Chef-patissier Roland Mesnier probeerde er net als veel andere personeelsleden alles aan te doen om ervoor te zorgen dat Hillary zich beter voelde. Haar favoriete dessert was mokkataart en hij herinnert zich dat hij toen het schandaal op zijn hoogtepunt was ‘heel veel mokkataarten maakte, geloof het of niet’. Laat in de middag belde Hillary eens naar de afdeling Patisserie en vroeg met een klein stemmetje – heel anders dan haar gebruikelijke, zelfverzekerde toon: Roland, mag ik vanavond mokkataart?’

Bron(nen):   Humo