Voetbal is oorlog

Sinds de wedstrijd Barcelona – Chelsea dinsdag in een gelijkspel eindigde (0-0), is kritiek op de speelwijze van de Londense club niet van de lucht. De Britten zouden in Barcelona een potje anti-voetbal zonder weerga hebben laten zien en de Spaanse balartiesten slechts met de meest gemene middelen van scoren hebben kunnen afhouden. 
Veel verslagen van de wedstrijd hadden dan ook een teleurgestelde teneur: wat zo’n prachtige match had kunnen worden, was een partijtje schoppen waarbij Chelsea zich van zijn allerbruutste kant had laten zien. 
Hoogste tijd derhalve voor een weerwoord, en in dit geval kan Chelsea rekenen op haar ad interim-coach, op Guus Hiddink. 
Hiddink is eerder dit jaar in grote haast naar Londen geroepen, omdat Chelsea (lees: de Russische eigenaar Roman Abramovitch) nu eindelijk wel eens een cup wil winnen, en dat doel moet ten koste van alles worden bereikt. Abramovitch heeft al enkele honderden miljoenen euro’s in zijn club gestoken en het is tijd voor een beloning, ook al omdat zijn fortuin net als dat van andere Russische olichargen het laatste jaar onrustbarend is geslonken. 
Kortom, dit is niet het geschikte moment om uitgebreid stil te staan bij de schoonheid van het voetbalspel. En dus zegt Hiddink vandaag in The Times: "We like to play football, but we also like to be winners.” En: “We don’t start to cry when it’s not going well.” 
In de Achterhoek zou dit als volgt kunnen worden vertaald: "Om tegen Barcelona geen tegendoelpunten te krijgen, mag je gerust iemand doodschoppen."

Bron(nen):   The Times