Wiebes: ik kreeg geen signalen van buikpijn over toeslagen

De ambtelijke 'buikpijn' over het harde karakter van de regels rond de kinderopvangtoeslag, heeft voormalig staatssecretaris van Financiën Eric Wiebes nooit bereikt. Hij gelooft dat ambtenaren het moeilijk vonden dat de wet vaak heel hard uitpakte, maar dat is volgens hem nooit aangekaart. "Er is geen buikpijnnota", zegt de bewindsman.

Verschillende topambtenaren verklaarden vorige week onder ede dat ze hun zorgen over het systeem vaak hebben aangekaart bij de politieke top. Zij konden er moeilijk mee leven dat ouders grote bedragen toeslagen moesten terugbetalen als ze niet volledig aan de eigen bijdrage, een veel kleiner bedrag, hadden voldaan.

Dit zou zelfs wekelijks zijn aangestipt. Wiebes herkent dat totaal niet. "En de signalen op papier spreken ook echt een andere taal", zegt hij over documenten die hij als staatssecretaris kreeg. De "buikpijnsignalen" die hij wel kreeg, gingen over het stelsel. Op een gegeven moment is Wiebes terloops wel geïnformeerd over de harde werking van de toeslagen, maar dat was volgens hem alleen in relatie tot één specifieke zaak.

'Te soft'
Een nota die recent in de media verscheen waaruit zou blijken dat Wiebes op de hoogte was van de harde werking van de regels, zag Wiebes juist als een waarschuwing dat de afdeling Toeslagen van de Belastingdienst mogelijk "te soft" was. Hij herkende de nota niet uit die tijd, benadrukte hij. In voorbereiding op het verhoor, heeft hij het document wel gelezen.

Wiebes had zelf grote zorgen over de uitvoerbaarheid van de toeslagenwetgeving. "Het is een soort examen waarbij je alleen een voldoende haalt als je acht vragen goed beantwoordt." Het regende daardoor terugvorderingen, maar ook nabetalingen. "Allebei fout", vindt Wiebes. Het betekent namelijk dat mensen of meer, of minder kregen dan waar zij recht op hadden. "Dat is twee keer ellende."

De voormalig staatssecretaris, inmiddels minister, wordt ook gehoord onder ede wegens zijn rol in de toeslagenaffaire. Jarenlang was Wiebes politiek verantwoordelijk voor de Belastingdienst.