Vrijwel niemand doet aangifte in Nederland

Een onthutsend artikel in NRC Handelsblad van de hand van Paul Andersson Toussaint, die eerder opzien baarde met een goed onderbouwd en tegelijkertijd spijkerhard stuk over de overlast van Marokkaanse jongeren (zie tweede link). Dit keer buigt Andersson Toussaint zich over het falen van politie en justitie.
Dit ‘bittere werkelijkheid’ is dat slachtoffers van geweld (bedreiging, huiselijk geweld, zinloos geweld, stalking) vrijwel nooit aangifte doen. De politie raadt het in veel gevallen af of wil de aangifte gewoon niet opnemen. En degene die wel aangifte doet, laat dat wel uit zijn om dat nog een tweede keer te doen. Een aangifte leidt namelijk tot een veroordeling van de dader. En dan nog staat de enkele veroordeling in geen verhouding tot het vergrijp. Slachtoffers die aangifte hebben gedaan, doen aldus ‘een belangrijke ervaring’ op: ze weten dat niemand hen beschermt.
Andersson Toussaint onderbouwt zijn betoog met cijfers maar ook met voorbeelden, die gerust onthutsend mogen heten, onder meer uit eigen ervaring. Hij vertelt dat drie Hollandse jongens hem ooit in de Amsterdamse binnenstad bijna doodsloegen. Een team van chirurgen was vijf uur lang bezig zijn gezicht op te lappen, en hij kon zeven weken lang alleen vloeibaar voedsel eten. Hij deed wel aangifte, maar de politie deed zelfs het minimale niet, namelijk het instellen van een buurtonderzoek.
En een rekensom bevestigt het scala aan onthutsende voorbeelden. In Nederland kent jaarlijks zo’n 8 miljoen delicten, waarvan er slechts 100.000 leiden tot een rechtszaak. Die leiden natuurlijk niet allemaal tot een veroordeling. Dus nog niet 1,25 procent van de delicten in Nederland wordt bestraft.

Bron(nen):   NRC Handelsblad (alleen abonnees)  Welingelichte Kringen