Als alles vastzit

Wie veel in de stad rondrijdt met zijn auto heeft het gevoel dat het verkeer altijd maar vast zit. Stapvoets ga je van het ene stoplicht naar het volgende en de eindbestemming is nog een heel eind. 
In onze hoofdstad is dit zeker het geval; door eindeloos uitgerekte verbouwingen slaagde het huidige stadsbestuuur er onder leiding van J. Cohen in de bijna allerlaatste automobilisten uit hun auto te jagen, een prestatie van formaat. Met zulke politici heb je niet eens van die dure tolpoortjes nodig – maar dit terzijde.
Vandaag wordt het beeld – of misschien moet je zeggen: het gevoel – van de altoos voortdurende stadsfile in The New York Times genuanceerd. Zoals bekend rijdt niemand meer in de stad dan de taxichauffeur en met de data uit de taxi-gps’sen is in Manhattan, New York, nu gereconstrueerd hoeveel er gereden wordt en hoeveel er wordt stilgestaan.
De uitkomst: dat is heel verschillend! Op bepaalde momenten (spits), op bepaalde dagen, bij bepaalde weersomstandigheden (regen, sneeuw) gaan de auto’s langzaam huns weegs. Maar onder andere omstandigheden kan het een stuk sneller gaan. 
De meeste opstoppingen werden veroorzaakt door de diplomaten die grote VN-bijeenkomsten bezochten (motor-escorte, op niemand wachten), de dagen dat je het best kon doorrijden waren de (christelijke) feestdagen.

Bron(nen):   The New York Times