De domme dikke onderklasse

De helft van de ziekten in Nederland is vermijdbaar. En daarom moeten de mensen die weigeren te stoppen met roken, drinken en op de bank hangen maar eens flink aangepakt worden. 
Dat is de strekking van de oproep die de Nederlandse Public Health Federatie (NPHF) doet aan de politiek. In de NPHF zijn vijftig zorgorganisaties – waaronder de Landelijke Vereniging van Huisartsen en KWF Kankerbestrijding – vertegenwoordigd. De club noemt zijn pleidooi een “radicaal andere aanpak”, want de tijd van voorlichten is voorbij. Prikkelen is nu het devies, te beginnen met accijns op chips en het afschaffen van btw op groente.
En wie zijn die domoren die slecht eten? De domoren, menen Klasien Horstman en Rob Houtepen (respectievelijk hoogleraar en universitair docent Filosofie van de gezondheidszorg aan de Universiteit Maastricht), vandaag in NRC Handelsblad. Namelijk de lagere sociaal economische statusgroepen. Maar de benadering van deze groep zegt volgens hen vooral iets over de houding van de “weldenkenden, weletenden en welbewegenden”. Zij die zich verheven voelen boven de ‘domme dikkerds’ en daarom graag met het vingertje wijzen.  Vorige maand pleitten ook het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) voor hardere maatregelen tegen de ongezonde onderklasse. Want deze mensen kampen tegen het einde van hun leven gemiddeld veertien jaar langer met ziekten en kwalen dan hogeropgeleiden.
En zo gaan we van staatswege alles aanpakken. De hoofdoekjesdragers, de dikkerds, de vleeseters.

Bron(nen):   NRC