Dit stukje kan je leven veranderen: Ik kan niet, want het gaat me niet lukken

Het advies van etiquettedeskundigen over wat je aanmoet met ongewenste uitnodigingen en veeleisende verzoekjes is altijd hetzelfde geweest: gewoon nee zeggen (just say no).
In de strijd tegen familieleden die veertien dagen willen komen logeren en collega’s die proberen jou met hun werk op te zadelen blijft de formulering van goeroe Emily Post onovertroffen:
‘Ik ben bang dat dat niet mogelijk is.’
Verontschuldigingen lokken enkel gesoebat uit. Een geestig repliek is ook goed ( Peter Cook: ‘O hemeltje, ik kom erachter dat ik die avond aan het televisiekijken ben’) of (‘Ik kan niet, want het gaat me niet lukken’). Maar dat zijn variaties op een thema: de beste manier om nee te zeggen is om nee te zeggen. Dan je waffel houden.

Het is ook zinvol om eens na te gaan het gewoon een simpel misverstand betreft tussen twee soorten mensen: de Vragers en Gissers. Deze terminologie komt uit een briljante web post van Andrea Donderi die inmiddels een bescheiden cult status heeft. We zijn opgegroeid, zo luidt de theorie, in één van twee culturen. In de Vraag-cultuur groeien mensen op met het idee dat ze overal om kunnen vragen – een gunst, loonsverhoging – in het besef dat het antwoord nee kan luiden. In een Gis-cultuur daarentegen vermijd je ‘een verzoek in woorden om te zetten’ totdat je vrij zeker bent dat het antwoord ja zal zijn…
Geen van twee is ‘fout’, maar als een Vrager een Gisser ontmoet, komt daar ellende van. Een Vrager vraagt argeloos twee weken op de logeerkamer te mogen, maar een Gis-persoon ervaart het als claim en verafschuwt het om nee te moeten zeggen. Je baas die vraagt of je een project eerder af kunt hebben, kan een veeleisende zak zijn – of gewoon een Vrager, die ervan uitgaat dat je ook kan weigeren.
Dit is een breed gamma, geen strikte tweedeling, en het verklaart tevens cultuurgebonden misvattingen: Britten en Amerikanen stappen op tenen als ze zakendoen in Japan omdat het een Giscultuur is, maar vinden Russen onbeschoft omdat het flagrante Vragers zijn.

Bemiddelingsexpert William Ury beveelt het memoreren van ‘houvast zinnetjes’ aan, als ‘dat komt me niet goed uit’. Maar Gissers kunnen soelaas zoeken in de logica: in veel sociale situaties (hoewel misschien niet op het werk) is het feit dat je een hartverzakkend verzoek krijgt, het bewijs dat de persoon die het doet een Vrager is. Hij of zij verwacht al half dat je nee zult zeggen en heeft geen idee van de kwelling die jij doorstaat. Dus zeg nee, en kijk wat er gebeurt. Niets.

Bron(nen):   The Guardian