Tieners met Facebook depressie

De ‘Facebook depressie’ komt vooral voor bij tieners die geobsedeerd lijken te zijn door het medium. Volgens Dr. Gwenn O’Keeffe, kinderarts en hoofdauteur van de nieuwe richtlijnen voor sociale media van de American Academy of Pediatrics (AAP), heeft Facebook bepaalde eigenschappen die het moeilijk maken om zich in de community staande te houden, zeker voor kinderen met weinig zelfvertrouwen. Honderden ‘vrienden’, veel berichten op het statusoverzicht en foto’s van gelukkige mensen die leuke dingen doen, kunnen er voor zorgen dat een jongere zich nog veel slechter gaat voelen, omdat hij dit allemaal niet heeft. Het lijkt op een populariteitswedstrijd en het haalt minder populaire kinderen nog verder naar beneden.

Facebook is een soort ‘hangplek’ waar jongeren elkaar ontmoeten, zegt O’Keeffe, en dat heeft ook voordelen, zoals contacten onderhouden met vrienden en familie, foto’s delen, ideeën uitwisselen. Veel van wat jongeren op Facebook doen is gezond, maar ze kunnen té ver gaan. Dr. Megan Moreno van de University of Wisconsin, kinderarts gespecialiseerd in adolescenten deed onderzoek naar sociale netwerken van middelbare scholieren. Volgens haar versterkt Facebook het gevoel van verbondenheid bij sociaal goed aangepaste kinderen, maar heeft het een tegenovergesteld effect bij kinderen met aanleg voor depressies.

De richtlijnen waarschuwen ook voor de psychosociale gevolgen van cyberpesten, dat vaak op Facebook gebeurt en in het ergste geval zelfs tot suïcide kan leiden. Kinderartsen moeten ouders stimuleren om met hun kinderen te praten over het gebruik van sociale media. Ouders moeten ook geïnformeerd worden over Facebook depressies, cyberpesten, sexting, enz. Maar ouders moeten ook weer niet het idee krijgen dat hun kinderen alleen maar depressief kunnen worden van Facebook.

Bron(nen):   CBC News  AAP richtlijnen