Seksisme bij het studentencorps is als onkruid: ‘Je moet ertegen optreden, maar uitroeien lukt niet’

Bijna iedere zomer is het raak: dan is bij een of andere studentenvereniging de ontgroening weer eens uitgelopen op Dachautje spelen of andere rare gebruiken. Dit keer liep de lustrumviering van het Amsterdamse corps van de rails. Geen wonder: de verenigingen zijn er om te schokken, zegt historicus Klaas van Berkel (in het Dagblad van het Noorden).

,,Bij die traditionele corpora ligt het van oudsher in de aard om de grenzen op te zoeken’’, stelt hij. ,,Zo zijn ze in de negentiende eeuw begonnen en dat zie je nog steeds.’’ Hij heeft de fimpjes van Amsterdam gezien en vindt het niet verheffend.

,,Dit soort dingen moet je veroordelen, en de geldkraan dichtdraaien moeten universiteiten ook zeker blijven doen. Door wangedrag af te straffen, voorkom je dat het groter wordt. Je moet alleen niet de illusie hebben dat het daarmee helemaal uit de wereld is. Het is een beetje zoals met onkruid in de tuin. Dat moet je uittrekken als het de kop opsteekt, zodat het niet alles overwoekert.’’

,,Ophef is bijna een bestaansvoorwaarde voor die clubs’’, zegt hij. ,,Ze zonderen zich af van de burgermaatschappij. En dan is het ‘leuk’, tussen aanhalingstekens, om tegen de normen van die maatschappij aan te schoppen. Misschien was het anti-woke-sentiment bij dat diner, misschien wilde men het juk van de beschaving even afschudden - dat heb je wel eens als 21-jarige. Ze zoeken in ieder geval bewust de grens.’’