Typisch Nederlands: genieten doe je maar in de hemel

Typisch Nederlands, daar zijn ze dol op bij politieke partijen als de PVV en de VVD. Nederlandse normen en waarden in een Nederland dat Nederland moet blijven. Ook al word je daar gelukkig noch vrolijk van. Typisch Nederlands is bijvoorbeeld een uiterst punctueel leven. Filosoof Pieter Pekelharing vertelt in Trouw over de daarmee samenhangende prestatiedruk in ons land.

“Die druk om te presteren ervaren andere volkeren vast ook. Maar de Nederlands-protestante traditie versterkt wel het idee dat je hard moet werken om iets voor te stellen. Bij katholieke Nederlanders ligt dat anders, die zijn bourgondischer, maar protestanten moesten via een hele strenge discipline aan zichzelf het bewijs leveren dat ze een kans maakten om in de hemel te komen.”

Niet genieten
Hij gaat verder: “Uiterst punctueel leven, dat hoorde echt bij de protestanten. Alleen was het niet de bedoeling dat je gelukkig zou worden, dat je zou genieten van je geld of van je succes, want dan was je niet vroom meer, dan had je je uitverkocht aan het leven.”

“Zo is het eeuwenlang geweest, maar het rare is dat protestanten die normen en waarden na de ontkerkelijking hebben vastgehouden. Ze bleven gericht op aardse prestaties en dat heeft hen geen windeieren gelegd. Maar van dat succes mochten ze nog altijd niet genieten. Of laat ik het zo zeggen: je diende zó te leven dat het niet erg was als je je geld of succes weer kwijtraakte – wat ook wel weer een mooi streven is.”

Discipline
“In de jaren zestig zie je dan dat Nederland welvarender wordt,” legt Pekelharing uit. “Dat zorgde voor meer vrije tijd: meer tijd om te ontspannen dus. Toch vinden we nog steeds dat we heel gedisciplineerd moeten omgaan met de beloning voor dat harde werk – een beloning die nu al tijdens het leven geïncasseerd kan worden. Echt genieten, dat is nog altijd verkeerd, dat mag niet het doel zijn van je succes. Je mag jezelf nog altijd niet uitleveren aan het leven. Zelfs ontspannen creëert drukte: yoga, mindfulness, rennen, stappen tellen, ga maar door.”

“Die instelling zie je weerspiegeld in onze omgang met de klok. Je mág wel uit je dak gaan, en dat gebeurt ook, maar uitsluitend als dat zo is georganiseerd. Je mag een halve dag feesten, maar daarna is het over en moet je weer aan het werk. Uiteindelijk bepaalt dat arbeidsethos wat je waard bent – en niet je vermogen te genieten.”

Bron(nen):   Trouw