Waarom je minder blij wordt van de natuur als je rijk bent

Hoe gelukkig worden we nu echt van geld? Psychologe en journaliste Claudia Hammond vatte de huidige stand van het onderzoek over de psychologie van geld samen en schreef er een boek over. “Uit experimenten weten we dat het beloningscentrum in onze hersenen geactiveerd wordt zodra we geld krijgen. Net zoals wanneer we chocolade eten.”

In een interview met het Vlaamse opinieblad Knack vertelt ze over de relatie tussen geld en geluk. “In een samenleving zijn de betere verdieners doorgaans gelukkiger dan wie minder geld heeft. Maar natuurlijk bestaan er ook droefgeestige miljonairs en vrolijke uitkeringstrekkers. Geld heeft dus invloed op hoe we ons voelen, maar veel minder dan we altijd denken.”

Hedonistische aanpassing
Ook levert heel veel geld niet zo veel extra geluk op. “Recent onderzoek toont aan dat we vanaf 75.000 dollar relatief tevreden zijn. Ik veronderstel dat het om een bedrag moet gaan dat ons het vertrouwen geeft dat we onze rekeningen kunnen betalen, en dat zo de stress en angst uit ons leven wegneemt.”

Wie erg veel geld heeft krijgt last van wat in de psychologie ‘hedonistische aanpassing’ wordt genoemd. “Dat zie je ook bij lottowinnaars, of mensen die plotseling veel geld hebben geërfd. Ze kopen alleen nog het beste van het beste en kunnen niet meer genieten van dingen waar ze vroeger zo dol op waren: een simpel broodje tonijn, of een overheerlijke kop koffie. Uit heel verfijnde tests blijkt dat ook de natuur, het uitzicht op een waterval bijvoorbeeld, mensen minder blij maakt als ze veel geld hebben.”

Monopoly 
Gek genoeg vinden de meeste mensen meestal dat ze hun rijkdom aan hun eigen talent te danken hebben. “Als je aan proefpersonen vraagt wat ze zouden doen als ze op de zinkende Titanic zouden zitten, vinden vooral de rijken onder hen dat ze recht hebben op een plaats in de eerste reddingssloep,” stelt Hammond. Ook vertelt ze over een mooi experiment waarbij proefpersonen monopoly moesten spelen. “De onderzoekers gaven telkens één speler bij het begin extra geld, en telkens als hij langs START kwam, kreeg hij het dubbele van de anderen.”

Door de hulp van de onderzoekers zou hij dus gegarandeerd winnen. “Het interessante was het gedrag van de bevoordeelde spelers. Ook al hadden ze al zeker gewonnen, ze bleven maar straten, huizen en hotels kopen. Ze sprongen triomfantelijk met hun pionnetje over het bord en aten meer koekjes dan er per speler voorzien waren. Het meest frappeerde me wat ze na afloop van het spel vertelden, toen de onderzoekers vroegen waarom ze gewonnen hadden. Geen enkele proefpersoon vermeldde dat hij financieel voordeel had gekregen. Ze antwoordden allemaal dat het aan hun eigen beslissingen had gelegen, of dat het een combinatie was geweest van talent en geluk.”

Bron(nen):   Knack