‘Gezag Rutte II piekt op laatste Prinsjesdag’

Het scheidende kabinet-Rutte II van VVD en PvdA heeft sinds zijn aantreden in 2012 niet zoveel vertrouwen genoten als nu. Ook premier Mark Rutte boezemde sinds 2012 niet zoveel vertrouwen in, concludeert EenVandaag uit een eigen peiling.

Het kabinet begon met het vertrouwen van 42 procent van de kiezers, maar daarvan bleef op het dieptepunt van de economische crisis maar 14 procent over. Nu de economie weer draait als een tierelier heeft het inmiddels demissionaire kabinet het vertrouwen van 34 procent van de kiezers, maakt EenVandaag op uit onderzoek onder ruim 20.000 van hen.

Bijna twee derde van de ondervraagde kiezers denkt dat de economie er goed voor staat, maar slechts een flink derde deel ziet daarin de hand van het tweede kabinet-Rutte. Een grote minderheid zegt nog altijd slechter af te zijn dan voor het aantreden van Rutte II. Maar wie beter naar de antwoorden kijkt ziet wel degelijk tamelijk brede waardering voor de aanpak van de economische crisis, stelt EenVandaag.

Tevredenheid

De waardering voor premier Rutte is dan ook afgelopen jaar gegroeid. De helft van de ondervraagde kiezers is tevreden over zijn optreden van de afgelopen vijf jaar. Alleen minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken en vooral minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën dwingen meer respect af. Die laatste krijgt lof van ruim drie kwart van de ondervraagden. De ministers Jet Bussemaker (Onderwijs), Stef Blok (Veiligheid en Justitie) en Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken) komen er veel slechter af en bungelen onderaan de ranglijst.

Voor het eerst lijkt de kiezer echt werk te willen maken van een beter milieu en klimaat, concludeert EenVandaag. Voorheen kregen andere kwesties steevast voorrang, maar nu staat dit vraagstuk in de top drie van zaken waarin het nieuwe kabinet volgens de gemiddelde ondervraagde zou moeten investeren. Die panelleden vinden gezondheidszorg en onderwijs nog wel een stuk belangrijker.

Onderwerpen als immigratie en integratie, veiligheid en de Nederlandse identiteit hebben volgens de ondervraagden minder prioriteit.