André Kuipers: “Als de mensheid het verknalt, is het echt einde oefening”

Veel astronauten die door de ruimte reizen, voelen pas echt hoe nietig de mens is. Terug op aarde zijn ze meestal een stuk milieubewuster. Dat overkwam ook André Kuipers.

Kosmisch gevoel
In een interview met HP/De Tijd, van vóór de coronacrisis, vertelt hij: “Ik had twee overweldigende gevoelens: een kosmisch gevoel én een claustrofobisch gevoel. Iedereen weet dat we op een bol wonen, maar pas als je er omheen draait, voel je het ook echt. Als ik religieus was, zou ik het een religieuze ervaring noemen, ik noem het maar een kosmisch gevoel. Ik realiseerde me ineens zo sterk dat ik onderdeel ben van iets veel groters. Je vliegt om een bol heen, je ziet Venus opkomen, Mars, de maan. Je voelt ineens dat je onderdeel bent van een zonnestelsel, van de kosmos. Dat was zo indrukwekkend.”

Claustrofobie
“En het andere indrukwekkende gevoel dat ik kreeg, was claustrofobie. Ik weet het nog heel goed, het was mijn eerste vlucht. Ik vloog over India heen, en ik dacht: wauw, daar beneden woont een miljard mensen. Die denken allemaal dat de aarde oneindig is, maar over anderhalf uur kan ik ze alweer zien in een volgende baan. Ineens dacht ik: jee, dit is alles. Ik werd claustrofobisch voor de planeet. Als er iets gebeurt, dacht ik, als wij het verknallen of er knalt iets op, dan is het echt einde oefening. En we kunnen nergens heen. Het heelal vond ik ook heel dreigend. Het is koud, leeg, er is straling. Oeh, dacht ik, het is heel kwetsbaar. De aarde voelde als een levende cel en de atmosfeer als een soort membraantje, als een dun vliesje van een levende cel. Heel mooi, maar tegelijkertijd had ik sterk het gevoel dat het zó stuk kan gaan. Pats!”