Overleven: waarom baby’s schattig moeten zijn

Baby’s zijn zo schattig om ze in staat te stellen te overleven. Een baby lijkt hulpeloos, het kan niet praten, het kan niet lopen, maar het kan wel heel goed vertederen. Een baby weet hoe hij iedereen voor zich moet innemen. Een tandeloos glimlachje hier, een kreetje daar en zelfs een doorgewinterde cynicus gaat door de knieën. 
Volgens de primatoloog Sarah Blaffer Hrdy zijn die buitengewoon sociale vaardigheden van een baby belangrijk voor wat ons mensen maakt. Menselijke baby’s zijn zo afhankelijk gedurende zo lange tijd van hun ouders, dat het bij menselijke babies anders moest toegaan dan bij apen. De strategie van apen werkt namelijk niet voor mensen. De moeders van chimpansees en gorrilla’s zijn immers in staat om hun kinderen goeddeels in hun eentje groot te brengen. Menselijk ouders zijn dat niet. 
En dus moeten onze baby’s vertedering oproepen, zodat er als dat nodig is hulp komt. De menselijke soort zou nooit hebben overleefd als we niet zulke schattige baby’tjes waren geweest. 
Daarvan hebben we ook later voordeel. Ons vermogen om in groepen te werken, ons vermogen tot empathie, onze interesse in wat anderen denken en voelen, dat komt allemaal voort uit het feit dat we het product zijn van een opvoeding die mede werd gedragen door anderen dan onze ouders. Een aap zal zijn baby niet zomaar laten vasthouden door een andere aap, zeker als dat geen verwante is. Wij mensen doen niet anders dan onze baby’s trots bij anderen op schoot laten zitten. 
Volgens Sarah Hrdy is dat geen gewoonte, of irritante trots van de ouders, maar een mechanisme dat ons in leven heeft gehouden en houdt: het leert ons voor elkaar te zorgen.

Bron(nen):   New York Times