Acht sprookjes over de gezondheid van mannen

Over mannen en hun gezondheid doen veel hardnekkige misverstanden de ronde. De Londense Times weerspreekt er vandaag een negental. 
1. Mannen moeten regelmatig naar een check up. Totale onzin. De mannen die gaan hebben het niet nodig en geven er ten onrechte geld aan uit. 
2. Mannen maken minder gebruik van medische faciliteiten dan vrouwen. Wie dat zegt? Iedereen zegt dat. En er is wel iets van waar, maar dat komt vooral doordat mannen niet naar dokters gaan voor pilcontrole, prenatale zorg, borstonderzoek en gynaecologische kwesties. Het enige dat mannen daar tegenover weten te stellen is hun prostaat, dus dat is geen eerlijke vergelijking. Het is dus niet zozeer dat mannen minder vaak naar de dokter gaan, maar dat vrouwen de dokter vaker nodig hebben. 
3. Mannen zouden hun testikels regelmatig moeten onderzoeken. Hoe zo? Kanker aan de ballen is buitengewoon zeldzaam. De gemiddelde huisarts komt het twee keer tegen in zijn loopbaan. En maak je geen illusies: als je het hebt, dan merk je het gauw genoeg, want het doet gemeen zeer. 
4. Viagra is het antwoord op impotentie. Deels onzin. Eenvijfde heeft niets aan Viagra. Veel impotentie heeft van doen met andere lichamelijke klachten, zoals suikerziekte. Viagra kan dat ten onrechte maskeren. En dan is er nog je hoofd: wat er gebeurt in je broek is vaak een reflectie van wat er speelt in je hoofd. 
5. Mannen moeten vaker naar de dokter. Ook al onzin. Alleen mannen tussen de twintig en vijftig gaan minder. En dat zijn de jaren met de minste medische risico’s 
6. De vruchtbaarheid van mannen holt achteruit. Iedereen beweert dat, zeker in de media. Maar of het waar is weten we niet. Er zijn geen harde data voor deze stelling. 
7. Om lang te leven moet je om je hart denken. Het klopt dat het hart de achilleshiel is van de man. Maar een belangrijk deel van het verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen is niet te verklaren door hartziekten, maar door dood door geweld, auto-ongelukken, zelfmoord, etc .
8. Van seks krijg je hartaanvallen. In boeken en films gebeurt dat, maar uit de statistieken blijkt daarvan niets, Leef je uit, het kan geen enkel kwaad.

Bron(nen):   The Times