Meer aandacht voor religie

Vandaag neemt professor dr. Piet de Rooij afscheid als hoogleraar Nederlandse geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Titel van zijn afscheidscollege: Openbaring en openbaarheid. Onderwerp: historici moeten meer aandacht schenken aan religie.
Een groot deel van het Nederlandse verleden is volgens De Rooij onbegrijpelijk geworden door modern begrip voor religie: veel van de moderne geschiedschrijving is óf te verzuild, óf te seculier. De scheidend hoogleraar pleit in zijn rede voor een grotere aandacht voor religie, vooral ook in de politieke geschiedenis. Daarbij wordt uitgegaan van de gedachte dat gelovigen niet alleen naar gewetensvrijheid streven, maar ook naar belijdenisvrijheid, dat wil zeggen het recht om in de openbare ruimte voor hun geloof uit te komen.
De Rooij is pas 65, ongehoord jong om het werk erbij te laten, maar hij belooft vandaag in een interview in de Volkskrant dat hij gewoon blijft schrijven, onder verwijzing naar de Britse historicus A.J.P. Taylor de ooit zei: "History is an old men’s profession."
Nog twee opmerkingen: het afscheidscollege van De Rooij is vanmiddag om 15.00 uur in de aula van de Universiteit van Amsterdam, Singel 411. De bijeenkomst is vrij toegankelijk en Welingelichte Kringen gaat er in ieder geval naar toe.
Verder is het aardig om in het eerder gememoreerde Volkskrant-interview te zien hoe De Rooij bijna ter verantwoording wordt geroepen voor het feit dat hij in de jaren zestig niet heeft lopen hetzen tegen het universitaire gezag. Zijn verweer is nogal slap: de sociale dwang die achter het studentenprotest zat, beviel hem niet. "Ik houd niet van een cultuur waarin je verondersteld wordt allemaal hetzelfde te vinden."
Wat een geluk dat destijds niet iedereen zo dacht.

Bron(nen):   Universiteit van Amsterdam