Stuxnet-virus was wel degelijk op Iraanse kerncentrale gericht

Het computervirus Stuxnet dook deze zomer op in computersystemen over de hele wereld. De meeste infecties vonden plaats in Indonesie, maar ook in een Iraanse kerncentrale dook het virus op. Al snel bleek dat het virus specifiek ontworpen was om industriele processen te manipuleren. Wat precies het doel achter de cyber aanval was, bleek echter onduidelijk. Twee verschillende onderzoeksgroepen, een uit Duitsland en een uit Californië, zeggen nu hard bewijs te hebben in de broncode dat het virus eropuit gestuurd was met de opdracht die kerncentrale in Iran op te blazen.
Onderzoekers ontdekten dat het virus zich specifiek richt op het systeem dat de snelheid van bepaalde centrifuges in de Iraanse kerncentrale aanstuurt. Als Stuxnet eenmaal binnen is in een computersysteem richt het zich op een specifiek stukje software van Siemens. Vervolgens  zoekt het naar een apparaatje met een uniek indentificatienummer, dat slechts gebruikt wordt door twee fabrikanten, een in Finland en een in de Iraanse hoofdstad Teheran. Het apparaatje heet een ‘frequency converter drive’ en worden overal gebruikt om draaisnelheden van centrifuges aan te sturen. Stuxnet zocht echter naar drives die op een specifieke snelheid draaien: precies die snelheid die nodig is om uranium isotopen te scheiden, de grondstof voor kernenergie.
Als alles goed was gegaan en stuxnet zich de controle over de drives had verschaft, was het idee om ofwel de kerncentrale af te zwakken, ofwel het toerental op te voeren, met alle desastreuze gevolgen van dien..

Bron(nen):   Christian Science Monitor